Ovariële Reserve: Aantal Eicellen en Follikels bij Vrouwen Boven de 40

De behandeling voor vruchtbaarheidstrajecten, zoals IVF of ICSI, omvat doorgaans vier opeenvolgende fasen. Dit artikel gaat dieper in op deze fasen, met specifieke aandacht voor de hormonale stimulatie en de factoren die de ovariële reserve beïnvloeden, met name bij vrouwen boven de 40 jaar.

Fase 1: Hormonale Stimulatie

Om de groei van meerdere eicellen in de eierstokken te stimuleren, is een hormoonbehandeling essentieel. Het verkrijgen van meerdere eicellen vergroot de kans op succesvolle bevruchting en uiteindelijk op zwangerschap.

Gebruikte Medicijnen

Tijdens de hormonale stimulatie worden diverse medicijnen ingezet:

  • GnRH agonist of antagonist: Deze middelen remmen de eigen hormoonproductie om te voorkomen dat de eigen hormonen de werking van de FSH-preparaten verstoren of een te vroege eisprong veroorzaken. Voorbeelden zijn Synarel (neusspray), Decapeptyl en Fyremadel (injecties).
  • FSH (Follikel Stimulerend Hormoon): Deze hormonen stimuleren de ontwikkeling van meerdere eiblaasjes (follikels) tegelijk. Bekende FSH-preparaten zijn Gonal-F, Ovaleap en Menopur.
  • Ovulatie-trigger: Een injectie met Ovitrelle zorgt voor de rijping van de eicellen in de follikels, waarna de eisprong ongeveer 40 uur later plaatsvindt.
  • Progesteron: Na de eicelopname wordt gestart met progesteron (bijvoorbeeld Utrogestan) om het baarmoederslijmvlies in de juiste conditie te brengen en te houden voor innesteling.
Visualisatie van hormooninjecties en medicatie voor IVF/ICSI behandeling

De specifieke combinatie van medicijnen en het gebruiksschema worden individueel door de arts bepaald en mondeling en schriftelijk gecommuniceerd. Het is belangrijk om de instructies van de arts strikt op te volgen en te controleren of de juiste medicatie wordt verstrekt door de apotheek.

Medicatie die geïnjecteerd moet worden, kan onderhuids (subcutaan) worden toegediend. Patiënten of hun partners worden getraind in het zelf toedienen van injecties.

Specifieke Medicatie Uitleg

GnRH Agonisten en Antagonisten

Medicijnen zoals Synarel, Decapeptyl en Fyremadel zijn cruciaal om de eigen hormoonproductie te reguleren. Synarel wordt tweemaal daags als neusspray gebruikt, terwijl Decapeptyl en Fyremadel dagelijks subcutaan geïnjecteerd worden. Fyremadel wordt pas vanaf de zesde dag van de stimulatie ingezet.

Follikel Stimulerend Hormoon (FSH)-preparaten

FSH-preparaten, zoals Gonal-F, Ovaleap en Menopur, zijn essentieel voor de ontwikkeling van meerdere follikels. Deze worden toegediend via onderhuidse injecties, waarbij de dosering en startdatum door de arts worden bepaald.

Ovulatie-trigger (Ovitrelle)

De Ovitrelle-injectie, toegediend op een specifiek tijdstip ongeveer 36 uur voor de eicelpunctie, is van vitaal belang voor de rijping van de eicellen. Afwijkingen in het tijdstip van toediening kunnen de opbrengst van eicellen beïnvloeden.

Progesteron (Utrogestan)

Utrogestan wordt ingebracht in de vagina om het baarmoederslijmvlies voor te bereiden op de innesteling van een embryo. Het gebruik ervan start de dag na de eicelopname en gaat door tot de zwangerschapstest.

Mogelijke Bijwerkingen

De gebruikte medicijnen kunnen bijwerkingen veroorzaken, die over het algemeen mild zijn. Veelvoorkomende bijwerkingen zijn opvliegers, lichte hoofdpijn, vocht vasthouden (met mogelijke gewichtstoename), emotionele reacties, en onverwacht bloedverlies. Lokale reacties op de injectieplaats, zoals een gevoelige zwelling, kunnen ook voorkomen.

Bij vaginaal gebruik van progesteron kan er meer afscheiding optreden, wat normaal is zolang er geen jeuk of irritatie is. Utrogestan kan ook zwangerschapsverschijnselen nabootsen.

Het Behandelingsschema

Het IVF/ICSI-behandelingsschema omvat hormoonstimulatie, echocontroles, e-consulten, de eicelpunctie en de terugplaatsing. De start van de behandeling wordt gepland aan de hand van de menstruatiecyclus.

De Eerste Echo-controle

De eerste echo-controle vindt doorgaans plaats tussen cyclusdag 7 en 9. De echografist meet de dikte van het baarmoederslijmvlies, telt het aantal en de grootte van de follikels in de eierstokken. Deze metingen helpen bij het bepalen van de verdere stimulatie.

Vaginale echografie om follikels in de eierstokken te visualiseren

Het Echo-onderzoek

Vaginale echografie is de standaardmethode om de baarmoeder en eierstokken met follikels zichtbaar te maken. Tijdens de opeenvolgende controles wordt de groei van de follikels gemonitord. Afspraken voor echo-onderzoek vinden plaats voor 11 uur ’s ochtends, met de resultaten die ’s middags worden besproken en gecommuniceerd via een e-consult.

Meestal wordt er om de dag een echo- en bloedonderzoek gepland, wat zich 4 tot 5 keer herhaalt. Bij een sterke reactie op de medicatie kan dagelijkse controle nodig zijn.

Klaar voor de Punctie?

Wanneer de eierstokken adequaat hebben gereageerd en de follikels de gewenste grootte hebben bereikt, wordt de eicelpunctie ingepland. Dit gebeurt gemiddeld rond cyclusdag 14, maar kan variëren.

In zeldzame gevallen kan de reactie op hormonale stimulatie te laag zijn, waardoor de punctie niet wordt uitgevoerd.

Fase 2: De Eicel Pick-up (Punctie)

De eicelverzameling vindt plaats in een speciale behandelkamer, waar de partner of een begeleider aanwezig kan zijn. Het zaad wordt ingeleverd bij het IVF-laboratorium, bij voorkeur in een steriel potje. Indien er gebruik wordt gemaakt van ingevroren zaad, wordt dit door het laboratorium ontdooid.

Voor de punctie hoeft men niet nuchter te zijn. Ongeveer 45 minuten voor de ingreep worden medicijnen toegediend die de procedure comfortabeler maken en slaperigheid kunnen veroorzaken. Na de ingreep mag men absoluut niet zelf autorijden.

De procedure omvat lokale verdoving in de vagina, gevolgd door het aanprikken en leegzuigen van de follikels onder echo-geleiding. Het vocht met de eicellen wordt opgevangen en in het IVF-laboratorium onderzocht.

Na de ingreep wordt de patiënt nog enige tijd geobserveerd. Ongeveer 15 minuten na de punctie wordt het aantal gevonden eicellen meegedeeld. Thuis worden rust en eventueel paracetamol geadviseerd bij napijn.

Er is een uiterst zeldzame kans op complicaties zoals bloedingen of het aanprikken van andere organen. Bij een verhoogd risico op infectie kan antibiotica worden voorgeschreven.

IVF / ICSI

Fase 3: De Laboratoriumfase

Na het inleveren van het semen wordt het zaad bewerkt om de meest beweeglijke zaadcellen te selecteren. Het vocht uit de follikels wordt naar het laboratorium gebracht waar de eicellen onder de microscoop worden gezocht.

IVF (In Vitro Fertilisatie)

Bij IVF wordt een groot aantal zaadcellen bij elke eicel gebracht. Een van deze zaadcellen zal de eicel binnendringen voor bevruchting. De volgende dag wordt gecontroleerd op bevruchting.

ICSI (Intra Cytoplasmatische Sperma Injectie)

Bij ICSI worden de eicellen ontdaan van omringend steunweefsel om de rijpheid te kunnen beoordelen. Alleen rijpe eicellen worden geïnjecteerd met een zaadcel. Daarna moeten de kernen van de eicel en zaadcel versmelten voor bevruchting.

Een dag na de punctie ontvangt men een e-consult met informatie over het aantal bevruchte eicellen en de planning voor de terugplaatsing.

Indien er geen bevruchting optreedt, is dit een teleurstelling en wordt met de patiënt besproken wat dit betekent voor vervolgbehandelingen.

Fase 4: Embryo Transfer (Terugplaatsing)

Op de afgesproken dag en tijd wordt het embryo teruggeplaatst in de baarmoeder. Deze procedure vindt plaats in een behandelkamer grenzend aan het IVF-laboratorium. De terugplaatsing is meestal pijnloos en wordt poliklinisch uitgevoerd.

Ovariële Reserve: Eicellen en Follikels

Het ovariële reserve verwijst naar het totale aantal gezonde eicellen (oöcyten) in de eierstokken op een bepaald moment. Elk eitje bevindt zich in een eigen follikel.

De grootte van de ovariële reserve neemt af met de leeftijd, aangezien eicellen afsterven. Bij de geboorte hebben vrouwen ongeveer 2 miljoen eicellen, dit aantal daalt tot circa 400.000 bij de puberteit. Na het 35e levensjaar versnelt de afname.

Leeftijd is de belangrijkste factor die de hoeveelheid follikels bepaalt. Tot de leeftijd van 25 jaar verklaart leeftijd 95% van de variatie in het aantal follikels. Leefstijlfactoren zoals roken, gewicht, medische voorgeschiedenis en stress spelen een kleinere rol, hoewel hun invloed na het 25e jaar toeneemt.

De menopauze treedt in wanneer er nog ongeveer 1000 follikels over zijn.

Ovariële Reserve Meten

Verschillende onderzoeken kunnen een indicatie geven van de ovariële reserve:

Anti-Mülleriaans Hormoon (AMH)

AMH wordt geproduceerd door de ondersteunende cellen in de follikels en kan via een bloedtest worden gemeten. Het AMH-niveau geeft een indicatie van het aantal aanwezige eicellen, maar voorspelt niet direct de vruchtbaarheid.

AMH-waardes (algemene schattingen):

  • < 1,0: Zeer lage ovariële reserve
  • 1,0-1,9: Laag-normaal
  • 2,0-3,9: Normaal bereik
  • 4,0-6,8: Hoog-normaal (vaak bij vrouwen onder de 30)
  • > 6,8: Zeer hoog

Hoge AMH-waarden komen vaker voor bij vrouwen onder de 30 of bij vrouwen met aandoeningen zoals PCOS. Soms is de AMH-waarde laag zonder duidelijke oorzaak.

Follikel-Stimulerend Hormoon (FSH)

FSH, afgegeven door de hypofyse, beïnvloedt de groei van follikels en reguleert de menstruatiecyclus. Een hoge FSH-spiegel op dag 3 van de cyclus kan duiden op de menopauze of hormonale therapie. Lage waarden kunnen wijzen op ondergewicht of recent gewichtsverlies.

Echo (Antrale Follikels)

Via een vaginale echo kan het aantal antrale follikels (follikels in een bepaald ontwikkelingsstadium) worden geteld. Dit aantal kan de grootte van de ovariële reserve voorspellen. De echo kan ook de gezondheid van de eierstokken en baarmoeder beoordelen.

De combinatie van antrale follikel telling (AFC) en AMH-bloedonderzoek wordt als het meest betrouwbaar beschouwd.

Het is belangrijk op te merken dat hormonale anticonceptie de ovariële reserve kleiner kan doen lijken.

Waarom de Ovariële Reserve Weten?

Het meten van de ovariële reserve kan helpen bij het vaststellen van onvruchtbaarheid, het beoordelen van de geschiktheid voor geassisteerde voortplantingstechnieken zoals IVF, en het diagnosticeren van eierstokproblemen zoals polycysteus ovariumsyndroom (PCOS).

Het kan ook inzicht geven in de naderende menopauze, wat kan helpen bij gezinsplanning.

Wat als de Ovariële Reserve Klein is?

Een kleine ovariële reserve kan de kans op succesvolle vruchtbaarheidsbehandelingen verkleinen, omdat het moeilijker kan zijn om voldoende eicellen te verkrijgen. Het betekent echter niet per definitie dat natuurlijk zwanger worden onmogelijk is.

Een grotere ovariële reserve kan het risico op ovarieel hyperstimulatiesyndroom (OHSS) tijdens vruchtbaarheidsbehandelingen verhogen.

Kan het Lichaam Meer Eicellen Maken?

Momenteel is er geen wetenschappelijk bewijs dat menselijke eierstokken stamcellen bevatten die nieuwe eicellen kunnen produceren. De eicelvoorraad neemt gedurende het leven af.

Factoren die Eicelkwaliteit Beïnvloeden

Hoewel de kwantiteit van eicellen afneemt met de leeftijd, kan de kwaliteit van de eicellen worden beïnvloed door diverse factoren:

  • Erfelijkheid: Genetische aanleg kan invloed hebben op de gezondheid van eicellen.
  • Toxines: Blootstelling aan schadelijke stoffen in huis, kantoor of via verzorgingsproducten kan de vruchtbaarheid beïnvloeden.
  • Voeding: Een dieet rijk aan verse producten, whole foods en voldoende water, met beperking van junkfood, suikers en pakjes/zakjes, is gunstig.
  • Drugs en Alcohol: Het gebruik van drugs en alcohol kan de kwaliteit van eicellen negatief beïnvloeden.
  • Stress: Chronische stress kan de vruchtbaarheid en eicelkwaliteit significant beïnvloeden. Prioriteit geven aan stressmanagement is cruciaal.
  • Bloedcirculatie en Zuurstof: Voldoende bloedcirculatie en zuurstof naar de eierstokken, bevorderd door beweging, is belangrijk voor hun functie.
  • Hormonale Balans: Een stabiele hormonale balans is essentieel voor de vruchtbaarheid.
  • Supplementen: Bepaalde supplementen, zoals CoQ10, kunnen de eicelkwaliteit en mitochondriale functie ondersteunen, met name bij vrouwen boven de 35.

Het verbeteren van de eicelkwaliteit kost tijd, vaak 90-100 dagen of langer. Geduld en consistentie in leefstijlveranderingen zijn belangrijk.

Infographic over factoren die de eicelkwaliteit beïnvloeden

Ervaringen van Vrouwen Boven de 40

Forumdiscussies laten zien dat het aantal follikels en eicellen sterk kan variëren tussen vrouwen van dezelfde leeftijd. Er is geen 'standaard' aantal dat als normaal wordt beschouwd.

Sommige vrouwen van 40 jaar en ouder hebben succesvolle IVF/ICSI-trajecten doorlopen met wisselende aantallen eicellen. Ervaringen variëren van 1 tot 16 eicellen bij de eerste poging, met verschillende aantallen bevruchte eicellen. Soms wordt stimulatie aangepast om het maximale resultaat te behalen.

Artsen kunnen op basis van onderzoeken, zoals AMH- en FSH-waarden en follikeltellingen, inschatten of een behandeling nog zinvol is en welke stimulatie het meest effectief kan zijn.

Vrouwen met een lage ovariële reserve wordt aangeraden om vroegtijdige vruchtbaarheidstests te doen en eventuele aandoeningen zoals endometriose tijdig aan te pakken.

De kwaliteit van de eieren speelt een cruciale rol, naast kwantiteit. Factoren zoals slaap, bloedsuikerspiegel, niet roken en een dieet rijk aan antioxidanten zijn hierbij van belang.

Het is belangrijk om te onthouden dat slechts een percentage van de teruggevonden eicellen rijp is, en niet alle rijpe eicellen leiden tot een levensvatbaar embryo.

tags: #aantal #eicellen #vs #follikels #biven #40