Tijdens de bevalling is de houding die de barende aanneemt van groot belang voor het comfort en het verloop van de baring. Hoewel liggend op de rug de meest bekende houding is, stimuleren steeds meer zorgverleners barenden om een houding aan te nemen die voor hen het meest prettig is. Dit artikel biedt een uitgebreid overzicht van diverse baringshoudingen, hun voordelen en nadelen, en praktische tips ter ondersteuning van een optimale bevalling en herstel na de geboorte.
Historische perspectieven op baringshoudingen
Al in het oude Egypte werd er verticaal gebaard: rechtop in plaats van liggend op de rug. Zo is Cleopatra op een oud reliëf te zien terwijl zij bevalt in een knielende houding. Ook in de Babylonische cultuur was rond 2000 voor Christus de zogenaamde ‘baarstoel’, een voorloper van de baarkruk, al in gebruik. Pas in de 17e eeuw, toen verloskundigen tijdens bevallingen steeds meer plaats moesten maken voor de ‘barbier-chirurgijns’ ofwel heelmeesters, werd het liggend bevallen in bed geïntroduceerd. Dit zou prettig zijn voor de barende, maar was eigenlijk vooral prettig voor de zorgverleners. Zij hadden op deze manier goed zicht op wat er gebeurde tijdens de bevalling en konden eventuele interventies gemakkelijker uitvoeren.

Het belang van comfortabel zitten na de bevalling
Na een bevalling heeft je lichaam tijd nodig om te herstellen. Hoe je zit, kan hierbij een groot verschil maken. Waarom zitcomfort belangrijk is: Na een bevalling, of je nu hechtingen hebt, een knip of een keizersnede, is comfortabel zitten essentieel. Hoewel liggen vaak de voorkeur heeft om je bekken en buik rust te geven, zal zitten onvermijdelijk zijn - bijvoorbeeld tijdens het geven van borstvoeding. Het is daarom fijn om te weten welke zitopties er zijn en hoe je deze het beste kunt afwisselen.
Verschillende zitopties na de bevalling
Hier zijn enkele zitopties en hun voor- en nadelen:
- Zachte ondergrond: Een zachte ondergrond kan comfortabel zijn bij zwelling of pijn omdat het de druk vermindert. Voordeel: Minder druk op gevoelige plekken. Nadeel: Kan zorgen voor een ongezonde houding van je bekkenbodem en rug, wat vermoeiend kan zijn.
- Harde ondergrond: Een harde ondergrond ondersteunt een rechte, stabiele houding. Voordeel: Biedt ondersteuning en versterkt de bekkenbodem. Nadeel: Kan te pijnlijk zijn in de eerste dagen na de bevalling.
- Donutkussen: Dit kussen heeft een gat in het midden en verlicht de druk op je perineum en hechtingen. Voordeel: Geeft verlichting bij pijn en hechtingen. Nadeel: Biedt geen steun aan de bekkenbodem en kan daarom bij langdurig gebruik minder gezond zijn.
- Fitbal: Een fitbal biedt bewegingsvrijheid en kan naar wens harder of zachter worden opgeblazen. Voordeel: Bevordert actieve zitposities en bewegingsvrijheid. Nadeel: Niet voor iedereen geschikt, vooral als je veel hechtingen hebt.

Tips voor een gezonde zithouding na de bevalling
Om je herstel te ondersteunen, zijn hier enkele praktische tips voor een gezonde zithouding:
- Wissel regelmatig af: Probeer niet te lang in dezelfde houding te blijven zitten.
- Gebruik een kussentje in de onderrug: Dit kan extra steun bieden bij de lendewervels, vooral als je houding tijdens de zwangerschap veranderd is.
- Zit zoveel mogelijk rechtop: Vermijd onderuit zakken om druk op je rug en bekkenbodem te verminderen.
- Sta regelmatig op: Laat de doorbloeding op gang komen door af en toe even te lopen of te staan.
Voordelen van verticale en asymmetrische baringshoudingen
Steeds meer zorgverleners stimuleren barenden om een houding aan te nemen die voor hen het meest prettig is, in plaats van routinematig te kiezen voor de rugligging. Het routinematige gebruik van de rugligging in de Westerse wereld kan beschouwd worden als een medische interventie in het natuurlijk verloop van de baring.
De ontsluitingsfase
De ontsluitingsfase, de fase waarin de baarmoedermond zich volledig opent, verloopt gemiddeld sneller door verschillende houdingen aan te nemen tijdens het opvangen van de weeën. Daarnaast kan je kindje goed indalen door van houding te wisselen. Zo kun je bijvoorbeeld in beweging blijven door te wandelen of gebruik te maken van een skippybal. Je kan de weeën ook op handen en knieën opvangen. Of staand onder de douche, dan werkt het warme water ook pijnstillend. Natuurlijk kan je daarnaast in (een beval)bad gaan. In een bevalbad kan je ook verschillende houdingen aannemen. Je kan bijvoorbeeld voorover of achterover leunen tegen de rand. Wanneer je moe bent en graag wilt liggen op bed, probeer dan een zijligging aan te nemen. Op deze manier wordt je stuitje niet zo ver naar voren geduwd als wanneer je op je rug ligt.
De persfase
Wanneer je volledige ontsluiting hebt, je kindje goed is ingedaald en je persdrang hebt, start de persfase. Ook dan helpt een prettige houding en variatie hierin jou om makkelijker te persen waardoor de persduur gemiddeld korter is.
Specifieke baringshoudingen en hulpmiddelen
Er zijn diverse houdingen en hulpmiddelen die de bevalling kunnen ondersteunen:
De Baarkruk en de CUB
De baarkruk is een soort kruk met een gat erin waarop je gaat zitten. Vaak is het prettig als er iemand achter je zit die jou kan ondersteunen. Zo kun je tussen de weeën door wat uitrusten. Voordelen van de baarkruk zijn onder andere dat de zwaartekracht meewerkt en dat je minder kans hebt op een knip of een kunstverlossing (verlostang of een vacuüm cup). Nadelen van de baarkruk zijn bijvoorbeeld dat sommige barenden de kruk (na een tijdje) niet meer lekker vinden zitten en dat er een verhoogde kans is op een zogenaamde ‘tweedegraads ruptuur’; het uitscheuren. Dit geldt niet voor de totaalruptuur; deze kans is niet groter op de baarkruk ten opzichte van de rugligging.
De CUB (Comfortable Upright Birthing) lijkt op de baarkruk, maar voelt comfortabeler aan omdat het een opblaasbaar hulpmiddel is. De voor- en nadelen van de CUB zijn gelijk aan de baarkruk. Naast verticaal zitten, kun je er ook overheen leunen of het als houvast gebruiken wanneer je gehurkt wilt persen.

De 'All-fours' houding
De naam ‘All-fours’ suggereert het al: je steunt op je handen en knieën, alle vier tegelijkertijd. Deze veelgebruikte houding wordt ook beschouwd als een verticale houding en heeft dan ook dezelfde voordelen. De All-fours houding kan ook een fijne houding zijn voor in de douchecabine terwijl je gebruik maakt van de warme straal water op je onderrug. Het is goed om met je zorgverlener te overleggen of dit qua ruimte (thuis) mogelijk is. Daarnaast kan er bij de All-fours houding tegendruk worden gegeven op je onderrug; iets wat barenden vaak prettig vinden als ze last hebben van rugweeën. Een nadeel van de All-fours houding is dat je armen en schouders moe kunnen worden. Je kunt in dat geval ook met je armen op een stoel of een stapel kussens steunen; zo varieer je met dezelfde houding. Net zoals bij de baarkruk en de CUB heb je bij de All-fours houding ook een verhoogde kans op een tweedegraads ruptuur ten opzichte van een rugligging. Wederom is de kans op een totaalruptuur niet verhoogd. Een ander nadeel van de All-fours kan zijn dat barenden zich ‘bekeken’ voelen waardoor ze minder op hun gemak zijn.
De Pinda of 'Peanut Ball'
De pinda ofwel de ‘Peanut Ball’ is een opblaasbare bal in de vorm van een pinda. De bal wordt tussen de benen van de barende geplaatst die op de zij ligt. Dit is een mooie houding voor als je vermoeid bent en je lichaam wilt laten uitrusten, maar tegelijkertijd de voordelen wilt hebben van een vrij stuitbotje. Hierdoor is er meer ruimte in je bekken dan wanneer je op je rug ligt en je stuitje naar binnen geduwd wordt. Je kindje kan zo dus gemakkelijker en sneller geboren worden. Een ander voordeel van deze houding is dat deze houding ook met een ruggenprik kan. Doordat je benen (deels) verdoofd zijn als je een ruggenprik hebt, is het vaak niet makkelijk om een andere houding aan te nemen dan een rugligging. Met de Peanut Ball kun je vanuit een zijligging vaak met wat hulp wel een been over de bal plaatsen. Niet elke zorgverlener of ziekenhuis heeft een Peanut Ball; informeer hiernaar voorafgaand aan je bevalling.

Andere baringshoudingen
- Zitten of liggen: je voelt je ondersteund.
- Staan of rechtop zitten: de zwaartekracht helpt mee.
- Hurken of op handen en knieën zitten: de doorgang van je bekken is groter. Daardoor heeft je baby meer ruimte om geboren te worden.
- Liggen op je zij: Als je in deze houding wilt persen, kan je je bovenste been omhoog houden of ondersteunen, bijvoorbeeld met een kussen.
- Half zittend: In plaats van op je rug liggen, kan je ook een beetje overeind zitten. Daarbij kan je met je rug tegen kussens leunen of tegen iemand die jou ondersteunt.
- Op handen en knieën: Je kunt op je handen steunen, maar ook met je armen ergens op leunen. Bijvoorbeeld op een bevalbal of de rand van een bevalbad.
- Hurken: Het helpt wanneer iemand je daarbij kan ondersteunen of wanneer je je ergens aan vast kunt houden. Anders wordt het gauw zwaar voor je beenspieren.
- Staan of leunen: Je staat op je voeten, waarbij je je knieën iets kunt buigen. Je kunt je vasthouden aan iemand anders of met je handen of armen leunen op een stoel, tafel of de hoofdsteun van een bed.
- Liggen op je rug: Deze houding is het bekendst en komt het vaakst voor. Je ziet vrouwen ook meestal zo bevallen in films en op foto's in de media.

De rol van het bevalbad
Het is ook mogelijk om in bad te bevallen. Door het warme water kun je beter ontspannen, hierdoor zijn pijnlijke weeën vaak echt draaglijker. Wij adviseren om vooral het laatste stukje van bevalling, wanneer het zwaarder wordt, de weeën in bad op te vangen. Ook moet de temperatuur niet te warm (> 38 C) zijn, in verband met oververhitting van de barende vrouw. Uit studies is gebleken dat de ontsluiting sneller gaat en de uitdrijving geleidelijker. Alle ziekenhuizen in de omgeving hebben kamers met een speciaal bevalbad! Ben je van plan thuis in bad te gaan bevallen dan kun je een bad huren of kopen. De wc is een prima plek om te persen. De houding is heel natuurlijk en je geneert je minder omdat je gewend bent om daar te gaan zitten drukken. Bovendien kun je de eventuele ontlasting die meekomt tijdens het persen, gelijk wegspoelen. Het overgrote deel van het persen kun je op de wc doen. Pas als het hoofdje bijna geboren wordt moet je van de wc af, want de verloskundige heeft daar onvoldoende ruimte om de baby aan te pakken.
Het water zorgt voor betere ontspanning, waardoor weeën minder heftig voelen en de ontsluiting mogelijk iets sneller kan gaan door een hogere productie van o.a. het hormoon oxytocine. Vanaf het moment van de ontsluitingsfase kun je in het bad stappen. Het warme water geeft verlichting op de krachtige weeën in de actieve fase van de bevalling. Na 90 minuten heeft het warme water, hormonaal gezien, vaak de piek van optimale verlichting gegeven. Dit kan een reden zijn om even uit het water te komen. De controles kunnen ook in het bevallingsbad gedaan worden. De verloskundige kan met haar doptone naar het hartje luisteren. Bij een badbevalling in het ziekenhuis kan onderwater een draadloos CTG gebruikt worden.

Voorbereiding op baringshoudingen
Je kunt vóór de bevalling al zorgen dat je iets weet over bevalhoudingen. Wat is er mogelijk? Welke houdingen kunnen de bevalling helpen? In welke houdingen kun je goed ontspannen? Je kunt ook alvast wat bevalhoudingen uitproberen. Bijvoorbeeld samen met je partner of iemand anders die bij je bevalling gaat zijn. Door je voor te bereiden, weet je tijdens de bevalling beter welke keuzes je hebt en wat wel of niet bij je past. Dat kan je een gevoel van zelfvertrouwen en regie geven. Ook begrijp je het makkelijker als de verloskundige tijdens de bevalling voorstelt om verschillende houdingen te proberen. Je kunt je wensen van tevoren bespreken met je verloskundige en je partner. Dan weten zij wat jou prettig lijkt en hoe je graag ondersteund wilt worden.
Wanneer afwijken van de gekozen houding?
Soms kan je het advies krijgen om een andere bevalhouding aan te nemen dan die je zelf het fijnst vindt. De meest voorkomende redenen hiervoor zijn:
- De ligging van de baby: Soms ligt een baby zo in de buik, dat de geboorte moeilijker gaat. Je verloskundige kan dan voorstellen om een andere houding te proberen, zodat je baby de ruimte krijgt om beter te gaan liggen.
- Zorgen of ongerustheid: Als er zorgen zijn over jouw gezondheid of die van je baby, kan de verloskundige aanraden om in een bepaalde houding te blijven of een andere houding aan te nemen.
- Infuus of monitor: Als je tijdens de bevalling in het ziekenhuis een infuus hebt of bent aangesloten op een monitor, kunnen de draden en lijnen in de weg zitten. Daardoor kan je misschien minder makkelijk bewegen.
- Medicinale pijnbestrijding: Als je pijnmedicijnen gebruikt, zoals een ruggenprik of een morfinepompje, kan het lastiger of onmogelijk zijn om bepaalde houdingen aan te nemen.
- Vermoeidheid: Soms ben je te moe om het staan of zitten vol te houden. Als je voelt dat je graag anders wilt zitten, liggen of staan, mag je dat altijd zeggen. Laat het ook weten als je daar hulp bij wilt. Je partner, je verloskundige of andere zorgverleners die bij je bevalling zijn, kunnen je helpen bij het vinden van een houding die beter voelt. Of je ondersteunen, bijvoorbeeld met kussens.
Hulpmiddelen om je bevalhouding te ondersteunen
Een houding volhouden tijdens de bevalling kan zwaar zijn. Misschien zit je buik in de weg, gaan je spieren pijn doen of word je moe. Je kunt dan van houding wisselen, maar extra ondersteuning kan ook een oplossing zijn. Je kunt tegen je partner aan zitten, aan je partner hangen of op je partner leunen. Of je kunt iemand anders die bij je bevalling is vragen of die je wil ondersteunen. Maak een torentje van kussens en dekens om bijvoorbeeld overheen te hangen en op uit te rusten. Gebruik een gymbal (bevalbal) om op te zitten of op te leunen. Ook kun je delen van je lichaam ondersteunen met yogablokken of opgerolde kussens/dekens. Maak gebruik van een bad. In het water voel je je lichter en beweeg je makkelijker. Misschien vind je het fijn om ergens aan te hangen tijdens het opvangen van de weeën of het persen. Kijk waar je je veilig aan kunt vasthouden terwijl je staat of hurkt. De trapleuning? Een stoel, terwijl iemand erop zit? Het bed? Met wat creativiteit kan iemand misschien een doek of sportelastiek voor je ophangen. Zorg wel dat dit soort hulpmiddelen stevig en stabiel zijn, zodat je niet kunt vallen. Tijdens je zwangerschapsverlof kun je vast eens (met je partner) door je huis lopen om vast plekken en hulpmiddelen voor bevalhoudingen te zoeken. Welke stoel is stabiel genoeg om overheen te hangen? Waar kan je je goed aan vast houden? Welke kussens zijn lekker onder je knieën?
De voordelen van houdingswisselingen
Bewezen is dat je minder pijn hebt als je regelmatig van houding wisselt tijdens de bevalling. Ook duurt de bevalling waarschijnlijk korter. Jij bepaalt in welke houding je straks je baby op de wereld wilt zetten. Het is jouw bevalling.
Tijdens de eerste weeën hoef je meestal nog niet een bepaalde houding aan te nemen om de weeën op te vangen. Probeer in het begin zoveel mogelijk je normale gang te gaan, ga bijvoorbeeld nog wat strijken of als je al nachten niet geslapen hebt, probeer nog wat uit te rusten in een lekker warm nestje. Pas als de weeën verergeren is het prettig om een houding te zoeken waarin je ze het beste op kunt vangen. Bewezen is dat een verticale houding (lopen, staan, zitten) meehelpt om de ontsluiting beter te laten vorderen. Door de verticale houding drukt het hoofdje van de baby op de baarmoedermond, door deze druk wordt de baarmoedermond mechanisch open gedrukt en deze druk zorgt ervoor dat de hersenen meer oxytocine gaan produceren waardoor je betere weeën krijgt. Een goede houding en een rustige plek, dat is wat je zoekt. Voor iedere barende zal dit verschillend zijn.
We weten dat veel vrouwen liggend op hun rug in bed bevallen. Eigenlijk is dit een onnatuurlijke houding. Als je ligt is je bekken iets kleiner en je hebt geen medewerking van de zwaartekracht. Vroeger bevielen vrouwen altijd op een baarstoel. De baker (vroegere vroedvrouw) zat dan op een klein krukje voor de barende. Toen rond 1850 de toeter werd uitgevonden kon de vroedvrouw de hartslag van de baby controleren, maar dit ging eigenlijk alleen maar als de vrouw ging liggen. Zo kwamen de barenden in een bed terecht en helaas is daar tot op de dag van vandaag, ondanks dat we nu met de doptone in alle houdingen de hartslag kunnen controleren, nog niet veel in veranderd. Uit onderzoek is gebleken dat het persen in zittende of staande houding vlotter verloopt.
Tijdens de wee zak je door je knieën en kantel je je bekken iets naar voren. Steun van je partner is hierbij noodzakelijk. Die kan op een stoel achter je gaan zitten, zodat je als je op je hurken gaat zitten met je armen op zijn benen kunt steunen. Veel vrouwen kunnen niet zo goed op de hurken zitten en zeker niet als dat wat langer duurt. Buiten een wee kun je gewoon weer gaan staan en in het begin van het persen hoef je ook niet zo diep door de knieën te gaan. Pas als het hoofdje voor een klein stukje zichtbaar is zak je zoveel mogelijk door je knieën en kantel je het bekken naar voren.
Onze praktijk heeft een eigen baarkruk, ook in het ziekenhuis is er een baarkruk beschikbaar om te gebruiken. Eigenlijk is dit dezelfde houding als de hurkzit, maar je hebt steun van de baarkruk. Als je wat langer moet persen (vooral bij een eerste kind) gaat de baarkruk op een gegeven moment ook ongemakkelijk zitten. De randen gaan zeer doen in je billen. Om dit te voorkomen is het handig om tussen de weeën door iedere keer even te staan.
Stuitligging en de optie van versie
Als de baby met het hoofd naar beneden ligt, heb je een grotere kans op een normale bevalling en minder kans op problemen voor jou en de baby. De kans op een keizersnede is dan ongeveer 11%. Als de baby met het hoofd naar boven ligt (stuitligging) heb je bij een vaginale bevalling een iets hoger risico op problemen met de baby tijdens de geboorte. Je hebt bij een vaginale stuitbevalling ongeveer 50% kans dat het alsnog een keizersnede wordt. Bij een keizersnede zijn er meer risico’s voor de moeder. Een ander nadeel van een keizersnede is dat je een litteken in de baarmoeder krijgt. Er is een kleine kans dat het litteken scheurt tijdens een bevalling. Alle volgende bevallingen na een keizersnede vinden daarom in het ziekenhuis plaats.
Met een versie kan geen directe schade aan de baby worden aangebracht. De baby zit goed beschermd in de vruchtzak met vruchtwater. Complicaties komen zelden voor bij een versie. De versie kan de hartslag van de baby vertragen of versnellen. Meestal herstelt de hartslag zich weer na een paar minuten. Er zijn dan geen gevolgen voor de gezondheid van de baby. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat bij ongeveer 4 op de 1.000 vrouwen een keizersnede nodig is, omdat de hartslag van de baby lager blijft. Een keizersnede is dan nodig omdat de baby anders kans loopt op zuurstoftekort of andere complicaties. Alle baby’s uit dit wetenschappelijke onderzoek (een optelsom van verschillende internationale studies) zijn na een keizersnede gezond geboren. Een versie heeft weinig risico’s. De kans op problemen na een versie is veel kleiner dan de kans op problemen wanneer je bevalt met een kind in stuitligging. Daarom adviseren verloskundigen en gynaecologen je baby te laten draaien bij een stuitligging.
