Schildpadden: Een Uitgebreide Gids over Hun Leven en Voortplanting

Schildpadden, herkenbaar aan hun unieke uitwendige schild, vormen een diverse groep reptielen met wereldwijde verspreiding. Dit benige schild, bestaande uit een buikzijde (plastron) en een rugzijde (carapax), vaak bedekt met een hoornschild, onderscheidt hen van alle andere moderne reptielen zoals krokodilachtigen, hagedissen en slangen.

Illustratie van een schildpad met benoeming van carapax en plastron

Diversiteit en Verspreiding

Er bestaan ongeveer 355 verschillende soorten schildpadden, verdeeld over veertien families. Deze dieren komen over de hele wereld voor, met uitzondering van de polen, en bewonen uiteenlopende biotopen zoals bossen, graslanden, moerassen en zeeën. Hoewel ze op bijna alle continenten te vinden zijn, concentreren veel soorten zich in tropische en subtropische gebieden. Afrika is bijzonder rijk aan schildpadsoorten. In Europa komen ze voornamelijk in het zuiden rond de Middellandse Zee voor, en in Azië eveneens in het zuidelijke deel. Slechts enkele landbewonende soorten gedijen in gematigde gebieden. Noord- en Zuid-Amerika kennen een verspreiding in de zuidelijke en middelste delen, met uitzondering van de uiterst westelijke kuststrook van Zuid-Amerika. In Oceanië bewonen schildpadden een groot deel van de eilanden, maar niet Nieuw-Zeeland. Australië kent schildpadden overal, met uitzondering van een uitgestrekt woestijngebied in Centraal-Australië. Op het Arabisch Schiereiland leven soorten zowel in het noorden als in het uiterste zuiden, maar ontbreken in het centrale deel. De enige gebieden waar schildpadden tegenwoordig niet voorkomen, zijn de Noord- en de Zuidpool.

Qua habitat worden schildpadden grofweg ingedeeld in landschildpadden, moerasbewoners en zeeschildpadden. Deze indeling heeft echter geen strikt wetenschappelijke basis, aangezien zeesoorten tot verschillende families behoren. De habitat kan variëren van schrale gebieden zoals savannen en halfwoestijnen tot bossen, graslanden en moerassen. Grote meren, zeer hete woestijnen of koude bergstreken zonder schuilplaatsen en begroeiing worden doorgaans vermeden.

Wereldkaart met aangegeven leefgebieden van schildpadden

Fysiologie en Anatomie

Schildpadden zijn, net als alle reptielen, koudbloedig en dus afhankelijk van de omgevingstemperatuur. De meeste soorten leven in zoetwater in moerassige gebieden en komen regelmatig aan land om te eten en te zonnen. Ze blijven echter altijd in de buurt van water om er bij gevaar in te vluchten en te rusten. Veel schildpadden zijn uitstekende zwemmers en gebruiken oppervlaktewater als schuilplaats. Sommige soorten, zoals de weekschildpadden, zijn zo sterk aan water aangepast dat ze zelden het land betreden.

In Nederland leefde ooit de Europese moerasschildpad (Emys orbicularis), maar deze is al lange tijd verdwenen. Tegenwoordig komen er in Nederland geen inheemse schildpadden meer voor, behalve enkele losgelaten of ontsnapte ex-huisdieren. Deze dieren kunnen zich wel in leven houden, maar planten zich in het gematigde klimaat van Nederland niet voort, omdat de temperaturen te laag zijn om de eitjes te laten uitkomen. Deze exoten vormen echter geen groot gevaar voor de inheemse flora en fauna, aangezien velen vroegtijdig sterven door omstandigheden die afwijken van hun natuurlijke leefgebied, zoals de relatief strenge Nederlandse winters.

Naast hun kenmerkende schild, bezitten schildpadden een eivormige, duidelijk te onderscheiden kop, vier poten en een staart. Bij landschildpadden kunnen de ledematen volledig in het schild worden teruggetrokken, wat niet altijd geldt voor zeeschildpadden. De kop is bij landschildpadden niet altijd intrekbaar, en het vermogen om de kop terug te trekken wordt gebruikt om schildpadden in groepen te verdelen.

Het schild zelf bestaat uit een platte onderzijde, het plastron (buikpantser), en een meestal bolle bovenzijde, het carapax (rugschild). Deze twee delen zijn verbonden door een benige brug aan weerszijden van het schild. De binnenzijde van het schild bestaat uit huidbeenderen of beenplaten, gevormd uit ribben en uitsteeksels van de borstwervels. Deze beenplaten zijn versterkt met botweefsel van het inwendig skelet. De hoornschilden, bestaande uit keratine, bieden bescherming tegen uitwendige parasieten. De schubben van schildpadden zijn eveneens van keratine gemaakt. De hoornschilden overlappen de beenplaten, wat de stevigheid vergroot. De hoornschilden op de buitenzijde van het schild ontstaan in de opperhuid en geven het schild zijn soort-specifieke kleur en tekening, die vaak uniek is voor elk individu.

De vorm van het schild is aangepast aan de leefomgeving: landbewonende schildpadden hebben een bolvormig schild, terwijl watergebonden soorten een lichter, platter schild hebben om beter te kunnen zwemmen. Zeeschildpadden hebben een gestroomlijnde, relatief lichte schildvorm die aan de achterzijde spits toeloopt.

Niet alle schildpadden hebben ontwikkelde hoornschilden. Bij de familie weekschildpadden (Trionychidae) en enkele andere zoetwatersoorten ontbreken ze, evenals bij de lederschildpad. De huid van deze soorten is leerachtig. De hoornschilden op het rugschild variëren per soort, en de schildvorm kan per familie sterk afwijken, hoewel de basisstructuur van het schild consistent is. De middelste schilden op het rugschild worden wervelschilden genoemd, de omringende ribschilden, en de hoornschilden aan de rand randschilden. Aan de voorzijde bevindt zich het nekschild, en aan de achterzijde de staartschilden. Het buikpantser bestaat uit zes dubbele rijen schilden en het tussenkeelschild, het enige niet-gepaarde buikschild.

Sommige schildpadden hebben speciale aanpassingen aan hun schild voor verdediging. Doosschildpadden hebben een scharnierend buikpantser dat omhoog geklapt kan worden. Klepschildpadden kunnen de achterzijde van het rugschild omlaag klappen. De huid van de kop, poten en staart is rekbaar en bedekt met schubben, die op de kop vaak groter en dikker zijn voor bescherming. Deze schubbenhuid wordt periodiek vervangen tijdens de vervelling (ecdysis). De hoornschilden op de rug worden ook individueel afgeworpen, als dunne, bijna doorzichtige plaatjes. Bij jongere dieren is dit proces normaal en leidt het tot het ontstaan van ribbeltjes op de hoornschilden, waarmee het aantal vervellingen kan worden afgelezen.

Gedetailleerde anatomische tekening van een schildpad

Voortplanting

Schildpadden planten zich meestal jaarlijks voort en zijn eierleggend. Zodra de lente aanbreekt, begint het mannetje op zoek te gaan naar een vrouwtje. Hij toont zijn interesse door met zijn schild tegen dat van het vrouwtje te slaan. Vervolgens klimt het mannetje op de rug van het vrouwtje. De paring kan uren duren.

De vrouwtjes graven hun eieren in, vaak in zanderige ondergronden, met behulp van hun poten en scherpe nagels. Een gemiddelde schildpad legt zo'n 100 tot 150 eieren, hoewel slechts een fractie daarvan uitgroeit tot volwassen dieren, mede door predatie van de eieren. Jonge zeeschildpadjes worden aangetrokken door het licht van de zee, wat hen helpt de weg naar het water te vinden. Dit proces kan echter verstoord worden door menselijke bebouwing nabij stranden.

De temperatuur tijdens de incubatie bepaalt het geslacht van de uitkomende jongen. Na 40 tot 80 dagen komen de eieren uit. Pasgeboren schildpadden zijn ongeveer anderhalve tot drie centimeter lang en beschikken over een eitand om door de eierschaal te breken. In het eerste levensjaar groeien ze snel.

Vrouwtjes kunnen tot wel drie keer per jaar eieren leggen, doorgaans tussen april en juli. Ze zijn in staat om sperma tot wel vier jaar na de paring op te slaan, wat kan leiden tot onverwachte legsels bij huisdieren.

De balts van bepaalde soorten, zoals de roodwang-, geelwang- en geelbuikschildpadden, omvat karakteristieke gedragingen. Het mannetje besnuffelt het vrouwtje en begint vervolgens zijn voorpoten met lange nagels te trillen in haar gezicht en op haar kop. Als het vrouwtje instemt, zinken de dieren naar de bodem en beklimt het mannetje haar schild. Tijdens de paring kan het mannetje het vrouwtje soms in de nek bijten.

Na de paring kan het vrouwtje het sperma bewaren en de eieren pas maanden later leggen. Een vrouwtje kan meerdere legsels per jaar hebben. Het aantal eieren varieert van 5 tot 25 stuks, die vervolgens worden begraven om ze te beschermen.

Illustratie van een vrouwelijke schildpad die een nest graaft

Gedrag en Leefwijze

Schildpadden hebben een snavelachtige mond zonder tanden, waarmee ze voedsel afsnijden. De kop is rond of eivormig, met een relatief lange en beweeglijke nek. De meeste soorten kunnen hun kop onder het schild terugtrekken (Cryptodira), terwijl andere hun nek en kop onder de schildrand buigen (Pleurodira).

De poten zijn relatief kort en gekromd. Bij waterschildpadden zijn ze peddel-achtig afgeplat om het zwemmen te vergemakkelijken, met zwemvliezen tussen de tenen. Zeeschildpadden hebben sterk aangepaste, platte en brede poten die zijn omgevormd tot flippers, wat hen op het land kwetsbaar maakt.

Landschildpadden hebben korte, massieve poten die stevig op de ondergrond staan. De poten worden gebruikt voor voortbeweging, het afscheuren van voedsel met de bek, en het graven van nesten met de achterpoten.

Veel waterschildpadden manoeuvreren zich tijdens het zonnen om zoveel mogelijk zonlicht op te vangen. Mannetjes hebben vaak langere nagels dan vrouwtjes, wat helpt bij de paring. Sommige soorten kunnen in bomen klimmen om te zonnen, waarbij ze hun bek als grijporgaan gebruiken, en vallen dan in het water om te ontsnappen.

Schildpadden hebben altijd een staart, die varieert in lengte. Deze heeft geen functionele rol meer voor balans of voortstuwing, in tegenstelling tot bij hagedissen of krokodillen.

Schildpadden zijn alleseters en voeden zich met vlees, vis, gevogelte, insecten, waterplanten en groenten. Speciaal samengestelde schildpaddenvoeding bevat de benodigde vitaminen en mineralen. Eierschalen en sepiaschelpen zorgen voor calciumopname. Jonge schildpadden eten dagelijks, oudere dieren drie tot vier keer per week, en volwassen dieren tweemaal per week. Het is belangrijk om overvoeding te voorkomen.

Waterschildpadden hebben water nodig om hun voer door te slikken en worden daarom altijd in het water gevoerd. Vanwege de EU-regelgeving mogen roodwang-, geelwang- en geelbuikschildpadden niet meer gekweekt worden.

Het verschil tussen mannelijke en vrouwelijke schildpadden is duidelijk: mannetjes hebben een langere staart, langere nagels aan de voorpoten en blijven kleiner. De paartijd varieert per locatie, van het hele jaar in de tropen tot maart-juni in koelere klimaten.

Een gezonde schildpad is actief, zwemt goed, heeft een schone neus en heldere ogen. Veelvoorkomende ziekten zijn longontsteking, schildrot en oogontsteking, vaak veroorzaakt door slechte voeding of huisvesting.

Legnood kan optreden bij vrouwtjes die hun eieren niet kunnen leggen. Raadpleeg een dierenarts bij vermoeden van ziekte. Het houden van schildpadden vereist rekening houden met hun lange levensduur en grootte. De import van roodwangschildpadden in de EU is sinds 1997 verboden vanwege hun invasieve potentieel.

De kosten voor het houden van een schildpad omvatten de aanschaf van een geschikt verblijf, technische apparatuur en voeding. Terugkerende kosten zijn voer, filtermateriaal en energieverbruik.

Schildpadden kunnen bijten en bacteriën zoals Salmonella overdragen. De alligatorschildpad staat bekend als agressief. Ze maken diverse geluiden, van klikjes tot gegrom.

Schildpadden kunnen zeer oud worden, met kleine soorten die 20 tot 40 jaar halen. Ze hebben een goed geheugen en vertonen soms sociaal zongedrag waarbij ze zich op elkaar stapelen voor warmte.

De stijgende zeespiegel bedreigt neststranden van zeeschildpadden, terwijl landschildpadden worden bedreigd door habitatverlies en illegale handel.

Close-up van de kop van een schildpad met snavelachtige bek

Huisvesting en Verzorging

Voor het houden van schildpadden, met name roodwang-, geelwang- en geelbuikschildpadden, is een ruim verblijf essentieel. Een volwassen paartje heeft een tochtvrije huisvesting nodig van minimaal 150 x 50 x 50 cm, met een waterdiepte van minimaal 40 cm. Voor elk extra dier dient het verblijf 20% langer te zijn. Het verblijf bestaat voor ongeveer een kwart uit een landgedeelte, dat makkelijk toegankelijk, droog en zonder scherpe randen moet zijn. De waterdiepte moet minimaal anderhalf tot twee keer de breedte van de grootste schildpad zijn.

Vrouwtjes hebben een zandgedeelte nodig om eieren te leggen, dat net zo diep is als de lengte van het dier en niet te droog mag zijn. Op de bodem van het watergedeelte kan zand worden gebruikt, maar een te ruwe bodem kan het buikschild beschadigen.

Regelmatig water verversen en een goed filtersysteem zijn cruciaal vanwege de grote hoeveelheid afval die schildpadden produceren. De watertemperatuur overdag dient tussen 18 en 22 °C te liggen, en 's nachts mag deze dalen tot 15-20 °C. Voor jonge dieren is een hogere temperatuur (vanaf 22 °C) aan te raden. De luchttemperatuur moet gelijk zijn aan of iets hoger dan de watertemperatuur. Een UV-B lamp is noodzakelijk voor de aanmaak van vitamine D3. De lampen moeten 10 tot 14 uur per dag branden.

In de zomer kunnen deze schildpadden buiten in een vijver gehouden worden, mits er gemakkelijke toegang tot land is. Buiten deze periode dienen ze binnen te verblijven. Het is af te raden om verschillende ondersoorten bij elkaar te houden. Vissen in hetzelfde aquarium lopen groot risico om opgegeten te worden.

Geelwangschildpadden uit koelere gebieden houden een winterslaap bij temperaturen onder 10 °C, terwijl zuidelijkere soorten en geelbuikschildpadden een winterrust houden tot ongeveer 15 °C. Een gecontroleerde rustperiode wordt aanbevolen, waarbij de temperatuur overdag daalt tot ongeveer 18 °C en 's nachts tot 12 °C. Een winterslaap is alleen aan te raden voor gezonde dieren onder strikte omstandigheden.

Het is belangrijk schildpadden nooit voor langere tijd om te draaien, omdat dit ademnood kan veroorzaken. Het verblijf dient schoon gehouden te worden om de verspreiding van bacteriën te minimaliseren.

Alles over de waterschildpad 🐢 | DierenpraatTV

tags: #hoe #lang #is #een #schildpad #zwanger