Deze folder is geschreven met het doel jou meer informatie te geven over de keizersnede en de zorg daar omheen. De Latijnse benaming voor keizersnede is “sectio caesarea”. In het ziekenhuis wordt de keizersnede kortweg aangeduid met “sectio”. Een keizersnede is een kunstverlossing waarbij jouw baby operatief via een snede in de buikwand en de baarmoeder, ter wereld komt. Zo’n ingreep kan, afhankelijk van de omstandigheden, plaatsvinden onder algehele verdoving of een ruggenprik. Uitleg over deze vormen van anesthesie wordt verderop in deze informatie gegeven.

Wat is een Keizersnede?
Een keizersnede is een chirurgische procedure waarbij de baby via een incisie in de buikwand en de baarmoeder wordt geboren. Deze ingreep kan nodig zijn wanneer een vaginale bevalling niet mogelijk is of te grote risico's met zich meebrengt voor de moeder, de baby, of beiden. Soms is al vóór de zwangerschap duidelijk dat een keizersnede noodzakelijk zal zijn, terwijl in andere gevallen de noodzaak pas tijdens de zwangerschap of zelfs tijdens de bevalling ontstaat.
Wanneer wordt een Keizersnede geadviseerd?
De gynaecoloog adviseert een keizersnede alleen als een bevalling via de vagina niet mogelijk is of te grote risico's met zich meebrengt voor jou, jouw baby of voor jou beiden. Soms is al vóór de zwangerschap duidelijk dat te zijner tijd een keizersnede noodzakelijk zal zijn. In andere gevallen blijkt tijdens de zwangerschap dat een keizersnede nodig is, bijvoorbeeld bij afwijkingen van het bekken.
Soorten Keizersnedes
Er zijn twee soorten keizersnedes:
- Geplande (primaire) keizersnede: Dit is een keizersnede die vooraf bekend is, bijvoorbeeld als de placenta voor de baarmoedermond ligt, er een vleesboom is die de indaling van de baby verhindert, of bij complicaties zoals een placenta die onvoldoende werkt.
- Niet-geplande (secundaire) keizersnede: Deze ontstaat tijdens de bevalling, vaak door onvoldoende vordering van de ontsluiting of uitdrijving, of bij dreigend zuurstofgebrek van de baby.
Voorbereiding op een Geplande Keizersnede
Voorafgaand aan jouw bevalling kun je deelnemen aan een voorlichtingsavond voor zwangeren en partners in het Anna Ziekenhuis. Tijdens deze avond krijg je aanvullende informatie van een verloskundige, gynaecoloog, verpleegkundige van de verloskunde afdeling en van de couveuse afdeling. Je kunt jezelf en jouw partner opgeven voor deze voorlichtingsavond via de polikliniek Gynaecologie.
Medisch Onderzoek
Zoals bij elke operatie vindt bij een geplande keizersnede vooraf een medisch onderzoek plaats naar jouw gezondheidstoestand. Er wordt bloed geprikt en je krijgt een gesprek met een anesthesist (narcotiseur) en met een medewerker van bureau opname. Er worden vragen gesteld over jouw gezondheid en er wordt lichamelijk onderzoek gedaan zoals het meten van jouw bloeddruk en het luisteren naar jouw hart en longen.
Anesthesiekeuze
Tijdens dit voortraject zal ook met jou de keuze tussen een algehele narcose en een ruggenprik besproken worden. Voor deze operatie dien je nuchter te blijven. Wat dit inhoudt wordt met jou uitgebreid besproken tijdens jouw afspraak bij bureau opname.
Praktische Informatie
Twee dagen voor de operatie kun je tussen 16:00 en 17:00 uur contact opnemen met de afdeling Gynaecologie om de precieze tijd te horen wanneer je aanwezig moet zijn voor de keizersnede. Dit is meestal twee uur voor de operatie. Het telefoonnummer van de afdeling vind je achter in deze informatie. De dag van opname dien je je te melden bij de balie op afdeling Verloskunde (route 67).
De Dag van de Keizersnede
Je wordt vervolgens door een verpleegkundige naar de kraamsuite gebracht. Deze verpleegkundige zal, in principe, jou en jouw partner begeleiden tijdens de keizersnede en de eerste uren daarna. Zij zal jou uitleg geven over de praktische gang van zaken en jouw eventuele vragen beantwoorden.
Voorbereidingen in de Suite
Als er sprake is van een afwijkende ligging zal een verloskundige of gynaecoloog nog een echo bij jou maken. Er wordt een infuus ingebracht. Dit is een dun slangetje waardoor vloeistof rechtstreeks in een bloedvat loopt. Je krijgt een operatiejasje aan. Al jouw kleding, sieraden, piercings, make-up, nagellak, contactlenzen en een eventueel kunstgebit moet worden verwijderd. Ook jouw partner moet zijn/haar sieraden afdoen. Een fototoestel mag hij/zij meenemen naar de operatiekamer.
Naar de Operatiekamer
Je wordt door de verpleegkundige samen met jouw partner naar een speciale ruimte op de operatieafdeling gebracht. Je wordt opgehaald door een verpleegkundige van de anesthesie. Wanneer de ruggenprik is gezet, of de algehele narcose werkt, krijg je een urinekatheter in de blaas. Wanneer tijdens de bevalling wordt besloten om een keizersnede te gaan doen vinden deze voorbereidingen vaak in een hoog tempo plaats en krijg je bijvoorbeeld de urinekatheter al op de afdeling. Een uitgebreide uitleg is op dat moment niet altijd mogelijk, afhankelijk van het spoedeisende karakter van de situatie.
Keizersnede-animatie | Een 3D-animatie over de bevalling
Verdoving tijdens de Keizersnede
Bij een keizersnede zijn twee soorten verdovingen mogelijk: narcose en een ruggenprik. Welke van de twee methoden geadviseerd wordt is onder andere afhankelijk van de reden voor de keizersnede, jouw gezondheidssituatie en de mate van spoed.
Ruggenprik
Bij een ruggenprik wordt het gehele onderlichaam en de benen gevoelloos gemaakt. Je blijft dus bij bewustzijn en maakt de geboorte van jouw baby mee. Al tijdens de keizersnede kun je jouw baby horen, zien en aanraken. Je ervaart geen pijn in het operatiegebied, maar je merkt wel dat er soms wat wordt getrokken en geduwd aan en op jouw buik. Bij het zetten van de ruggenprik word je vaak gevraagd om jouw rug zo bol mogelijk te maken door jouw kin naar jouw knieën te brengen. De medewerkers van de operatiekamer zullen je hierbij helpen en ondersteunen. De anesthesist verdooft eerst de huid en brengt vervolgens via een slangetje een verdovende vloeistof tussen de ruggenwervels. Dit voel je nauwelijks omdat de huid reeds verdoofd is. Soms kun je wat misselijk worden als gevolg van een bloeddrukdaling. Je kunt dit aangeven bij de medewerker van de anesthesie en hij/zij zal hierop actie ondernemen. Een enkele keer reikt de verdoving iets hoger dan alleen jouw onderlichaam. Het lijkt dan of ademhalen moeilijk gaat. Bij het zetten van de ruggenprik zijn jouw partner en de verpleegkundige van de kraamafdeling niet aanwezig. Zij worden op de operatiekamer toegelaten op het moment dat de ruggenprik gezet is en werkt.
Narcose
Bij narcose, algehele verdoving, slaap je tijdens de keizersnede en krijg je niets mee van de operatie. Met het geven van de narcose wordt gewacht tot het allerlaatste moment voor het begin van de operatie. Op deze manier wordt ervoor gezorgd dat er zo weinig mogelijk van de verdovende stoffen via de navelstreng bij jouw baby terecht komen. Je maakt alle voorbereidingen op de operatiekamer bewust mee. Pas als je helemaal voorbereid bent door de medewerkers van de operatiekamer en het gehele team klaar staat, krijg je de verdoving via het infuus toegediend. Terwijl je slaapt, krijg je een buisje in jouw luchtpijp voor de beademing. Je voelt geen pijn en je wordt wakker als de operatie klaar is en de baby en de placenta geboren zijn. Bij een algehele verdoving heb je meer kans op misselijkheid na de operatie. Het duurt vaak ook wat langer voordat je echt goed wakker bent. Tot die tijd blijf je onder directe controle en verblijf je in de uitslaapkamer.
In de meeste gevallen zul je een ruggenprik krijgen als verdoving voor een keizersnede. Als er een situatie ontstaat waarbij onmiddellijk ingegrepen moet worden (spoedkeizersnede) dan wordt er meestal algehele narcose gegeven omdat er dan sneller gehandeld kan worden.
De Operatieprocedure
Zoals eerder benoemd zul je de voorbereidingen op de operatiekamer bewust meemaken. Jouw partner krijgt een stoel en kan plaatsnemen bij het hoofdeinde van de operatietafel waar je op ligt. De verpleegkundige van de afdeling Verloskunde gaat achter de gynaecoloog staan en zal jouw baby overhandigd krijgen van de gynaecoloog.
De Incisie
Bijna altijd maakt de gynaecoloog een ‘bikinisnede’, een horizontale (dwarse) snede van 10-15 cm vlak boven het schaambeen, net boven de haargrens. Na de snede in de huid worden het vet onder de huid en een laag verstevigend bindweefsel boven de buikspieren doorgesneden. De lange buikspieren die van de ribbenboog naar beneden lopen worden opzij geschoven, en vervolgens opent de gynaecoloog de buikholte. De blaas, die voor een deel over de baarmoeder heen ligt, wordt losgemaakt van de baarmoeder en naar beneden geschoven.
Geboorte van de Baby
Daarna haalt de gynaecoloog via een dwarse snede in de baarmoeder jouw baby naar buiten. Jouw baby wordt vaak al binnen tien minuten na aanvang van de operatie geboren. Als jouw baby geboren is, wordt de navelstreng doorgeknipt. Omdat alles steriel moet blijven, kan jouw partner dit niet zelf doen, zoals bij een natuurlijke bevalling.
Sluiten van de Incisies
Als de placenta geboren is, hecht de gynaecoloog de baarmoeder en de verschillende lagen van de buikwand weer. Het hechten is een nauwkeurig werk en neemt meer tijd in beslag dan de geboorte van jouw baby.
De Eerste Momenten na de Geboorte
Als jouw baby geboren is, wordt hij overhandigd aan de verpleegkundige van de afdeling Verloskunde die hem/haar meeneemt naar een open couveuse. De kinderarts, die altijd bij een keizersnede aanwezig is, controleert jouw baby. De open couveuse staat bij jou op de operatiekamer, zodat je de handelingen van de kinderarts goed kunt volgen.
Gentle Sectio
Een gentle sectio is een natuurlijke keizersnede. Het belangrijkste kenmerk van deze methode is dat de baby zo snel mogelijk na de geboorte bij jou op de borst wordt gelegd (huid-op-huid contact) en daar kan blijven liggen, als de situatie dat toelaat. Afhankelijk van de conditie van jou en jouw baby, mag jouw baby meteen op de operatiekamer bij jou bloot op de borst (huid op huid contact). In het eerste geval streven we er naar om jouw baby bij jou te houden op de operatiekamer. Vervolgens blijft het huid op huid contact ook van toepassing op de uitslaapkamer. Uiteindelijk ga je samen met jouw partner en jouw baby terug naar de kraamsuite. Als jouw baby opgenomen moet worden op de couveuse afdeling dan wordt gedaan wat mogelijk is om jou bij jouw baby te laten zijn wanneer je dat wilt.
Nazorg na de Keizersnede
Na de keizersnede meten we regelmatig jouw bloeddruk, polsslag, het bloedverlies en de hoeveelheid urine. Via het infuus dienen we jou vocht toe.
Herstel van Mobiliteit
Bij een ruggenprik heb je de eerste uren na de operatie nog geen controle over jouw benen. Geleidelijk krijg je het gevoel en de kracht in jouw benen terug. Wanneer het gevoel volledig terug is, dit is meestal na 6 uur postoperatief, ga je voor de eerste keer uit bed samen met een verpleegkundige.
Medicatie en Pijnstilling
Om trombose te voorkomen, krijg je eenmaal per dag een injectie onder de huid van jouw bovenbeen met een bloedverdunnend middel. Indien nodig wordt er de dag na de operatie bloed bij je afgenomen, ter controle van het HB-gehalte (hemoglobine), dit is het ijzergehalte in het bloed. Postoperatief krijg je op vaste tijdstippen pijnstilling aangeboden van de verpleegkundige. De buikwand is vaak pijnlijk, niet alleen ter hoogte van het litteken maar ook hoger, tot aan de navel.
Herstel van de Spijsvertering
Na één of twee dagen beginnen de darmen weer te werken. De buik is dan vaak nog opgezet en je kunt pijnlijke krampen hebben.
Wondgenezing
Bij het hechten van de huid wordt materiaal gebruikt dat oplost, dit hoeft er dus niet weer uit. Op de operatiedag zelf kom je niet uit bed.

Borstvoeding na een Keizersnede
Als je borstvoeding wilt gaan geven dan wordt dit zoveel mogelijk gestimuleerd. Zoals eerder beschreven kun je al snel na de geboorte starten met de borstvoeding tijdens de toepassing van het huid-op-huid contact. Voor de borstvoeding maakt het niet uit welk soort verdoving je gehad hebt. Borstvoeding geven zal de eerste dagen misschien wat moeilijker zijn door het ongemak van de wond. Liggend voeden is dan vaak het plezierigst. Als jouw baby op de couveuse afdeling ligt en niet (iedere voeding) aan de borst kan drinken, kun je melk gaan afkolven. De moedermelk wordt dan op de couveuse afdeling aan jouw baby gegeven. Voor meer informatie over de borstvoeding verwijzen wij je naar onze folder ‘borstvoeding’.
Mogelijke Complicaties
Iedere operatie brengt risico’s met zich mee, ook een keizersnede. Ernstige complicaties zijn gelukkig zeldzaam.
Veelvoorkomende Complicaties
- Bloedarmoede: Bij elke keizersnede is er bloedverlies. Bij ruim bloedverlies kan er bloedarmoede ontstaan. Niet zelden is na afloop het gebruik van ijzertabletten nodig.
- Blaasontsteking: Een enkele keer komt na een keizersnede een blaasontsteking voor omdat je de eerste dag en nacht een blaaskatheter hebt.
- Bloeduitstorting in de wond: Een onderhuidse bloeduitstorting in de wond ontstaat doordat een bloedvaatje in het vet onder de huid blijft nabloeden.
- Infectie: Een infectie van de wond komt een enkele keer voor.
- Trombose: Bij elke operatie is er een verhoogd risico op een trombose.
Zeldzamere Complicaties
- Beschadiging van de blaas: Dit is een zeldzame complicatie. De kans hierop is wat groter als je al verschillende malen een keizersnede hebt ondergaan. Er kunnen dan verklevingen rond de blaas zijn. Het is goed mogelijk een blaasbeschadiging te hechten.
- Nabloeding in de buik: Een nabloeding is een zeldzame complicatie van een keizersnede.
- Darmen die niet goed op gang komen: Na een keizersnede moeten de darmen weer hun natuurlijke bewegingen en functie hervatten. In zeldzame gevallen gebeurt dit niet of te traag. Er verzamelt zich dan vocht in de maag en darmen, wat leidt tot misselijkheid en braken. Een maagsonde kan dan nodig zijn om dit vocht af te voeren.
Ontslag en Herstel Thuis
Het ontslag vindt de eerste of tweede dag na de operatie plaats. De snelheid van jouw herstel en de gezondheid van jouw baby spelen daarbij een rol. Voor het ontslag bespreekt de verpleegkundige met jou wat je thuis kunt verwachten en wanneer je contact kunt of moet opnemen met het ziekenhuis. Je krijgt leefregels mee, met daarin een mobilisatie schema. Dit schema is een houvast voor de eerste dagen thuis. De kraamzorg zal de zorg van ons overnemen.
Controle na de Bevalling
Ongeveer 6 weken na de bevalling kom je voor controle bij de gynaecoloog op de polikliniek. Je hebt na een keizersnede recht op kraamhulp. Wil je meer informatie over jouw recht op vergoeding neem dan contact op met jouw zorgverzekering.
Herstel thuis
Thuis zul je geleidelijk verder moeten herstellen. De tijd die nodig is voor het herstel is na een keizersnede vaak langer dan na een vaginale bevalling. Je bent niet alleen (opnieuw) moeder geworden, maar daarnaast ook herstellende van een buikoperatie. Een veel gehoorde klacht na keizersnede is vermoeidheid. Dit is heel gewoon. De eerste week is het raadzaam om elke dag nog even te rusten. Neem ook de daaropvolgende weken overdag voldoende rust. Aanvaard hulp van familie of vrienden. Zwaar tillen wordt de eerste 6 weken ontraden. De wond dient namelijk eerst goed genezen te zijn. De wond is wel sterk genoeg, maar kan nog geruime tijd gevoelig zijn. Geen rek- of strekbewegingen gedurende de eerste 6 weken. Dit betekent dat je geen zware huishoudelijke activiteiten mag verrichten zoals ramen wassen, vloeren dweilen of stofzuigen.
Autorijden, Douchen en Baden
Autorijden: Geadviseerd wordt de eerste 2 weken niet zelf te rijden, totdat je je goed kunt concentreren en je geen pijn meer hebt, je moet een noodstop kunnen maken. Het is verstandig de eerste paar keer geen grote afstanden te rijden, bij voorkeur niet langer dan 2 uur.
Douchen/Baden: Al snel na de operatie kun je onder de douche. In bad gaan of zwemmen wordt afgeraden zolang je nog bloedverlies hebt (gemiddeld 4 tot 6 weken). De wond mag je met de douche schoonspoelen, voorzichtig drogen en een droog gaas eroverheen doen om je kleding te beschermen.
tags: #keizersnede #st #anna #ziekenhuis