De rol van huid-op-huid contact en de visie van neonatoloog Richard de Leeuw

De oorsprong en voordelen van buidelen

Buidelen, ook wel bekend als huid-op-huid contact, vindt zijn oorsprong in de jaren '70 in een ziekenhuis in Colombia. Destijds was er een tekort aan couveuses, waardoor baby's na stabilisatie op de blote borst van hun moeder werden gelegd. Dit leidde er soms toe dat baby's eerder mee naar huis mochten. Per toeval ontdekte men dat dit een positief effect had op zowel de baby's als de ouders. Vanwege deze gunstige effecten groeide wereldwijd de interesse in buidelen en werd er steeds meer onderzoek naar verricht. Ook westerse ziekenhuizen namen deze praktijk over.

Buidelen met een te vroeg geboren baby is een cruciale en vaak emotionele stap in het herstelproces na een vroeggeboorte. Wanneer een baby prematuur of dysmatuur ter wereld komt, kan het zijn dat hij of zij een tijdje in de couveuse moet verblijven. Dit betekent vaak dat ouders de eerste belangrijke momenten met hun baby moeten missen, waardoor de afstand tussen hen en de baby extra groot kan voelen. Bij buidelen wordt de baby met alleen een luier aan op de blote borst gelegd, met een zachte omslagdoek eroverheen. Vooral bij baby's die te vroeg geboren zijn, is huid-op-huid contact van onschatbare waarde. Het helpt de overgang van de warme baarmoeder naar de wereld buiten te verzachten.

Door dit intieme contact van buidelen wordt de baby rustiger, wordt de hartslag regelmatiger en daalt de bloeddruk. Het allerbelangrijkste wat je kunt doen na een vroeggeboorte is er zijn voor je baby. Praten, zingen, aanraken en knuffelen zijn van onschatbare waarde om je baby geborgenheid en steun te bieden. Zodra de baby stabiel genoeg is, kan er gebuideld worden. Dit houdt in dat er meerdere keren per dag een uur of langer met de baby op de blote borst wordt gelegen.

baby die huid-op-huid contact heeft met ouder

De impact van buidelen op ouders en baby

Het effect van buidelen op zowel de ouder als de baby is buitengewoon positief. Wanneer de baby nog sondevoeding krijgt, kan buidelen een mooie gelegenheid zijn om langzaam over te stappen naar borstvoeding. Het huid-op-huid contact tijdens het buidelen stimuleert de productie van moedermelk, zowel bij de moeder als bij de baby, omdat het de aanmaak van oxytocine bevordert, ook wel bekend als het ‘knuffelhormoon’. Het is raadzaam om met de verpleegkundigen op de neonatologieafdeling te overleggen hoe vaak per dag buidelen prettig is voor de baby. Soms kunnen de prikkels van het in en uit de couveuse halen te veel zijn voor premature baby's, en gaat de voorkeur uit naar minder vaak, maar langer achter elkaar buidelen.

In deze uitdagende periode is zelfzorg essentieel. Het is belangrijk om hulp te vragen van familie en vrienden en niet te hard te zijn voor jezelf als het een keer niet lukt.

De visie van neonatoloog Richard de Leeuw

Neonatoloog dr. R. de Leeuw, een pionier in de neonatologie die afscheid nam van het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam, stelt dat ouders van couveusekinderen meer ingezet moeten worden als medewerkers bij de verzorging. "Zij weten wat er met het kind is en de artsen en verpleegkundigen moeten daar veel beter naar luisteren," aldus De Leeuw.

Hij voerde in Nederland onder meer het kangoeroeën in, de methode waarbij het te vroeg geboren kind op de blote buik van de moeder of vader wordt gelegd. "Het geeft een alternatief voor de couveuse, waarbij het kind allerlei sensaties kan ondergaan die de couveuse niet biedt: de geur van de ouder of aanraking. Voor de ouders is het ook heel bijzonder, want het geeft zelfvertrouwen en het vergroot het vertrouwen in het kind," verklaart De Leeuw.

Illustratie van de kangoeroemethode

Toen De Leeuw in 1967 in het AMC begon, moesten ouders van te vroeg geboren kinderen nog buiten de afdeling blijven en konden zij alleen vanachter glas naar hun kinderen kijken. "De ouders werden als bedreigend voor het kind gezien, als bron van infecties. Maar in die tijd dachten we ook nog dat een baby geen pijn kon hebben. Bij een operatie kreeg het kind geen verdoving, maar een speentje met wat cognac in de mond. Pas in 1987 zijn er afspraken over pijnstilling gemaakt."

Het kind centraal stellen in de neonatologie

Volgens De Leeuw moet de neonatologie het kind centraal stellen. "Het vereist een hele omschakeling. We zijn het ontwend om af te durven gaan op de signalen van het kind, in plaats van de vaste tijdschema's waarin alles moet gebeuren." Daarbij moet ook meer aandacht zijn voor stresssignalen van de baby, vindt De Leeuw. "Stress kan ontstaan door de behandeling. Een kind wordt de hele dag geprikt en verschoond en gevoed. Dat zijn dingen die gewoon moeten gebeuren. Maar als je labiel bent en je hartje het niet goed doet, dan veroorzaakt dat stress. Kinderen moeten dan meer rustperiodes hebben. Dat hebben wij verwaarloosd."

Grenzen van de neonatologie en kwaliteit van leven

De neonatologie moet echter haar grenzen kennen, vindt De Leeuw. "Toen ik begon lag de grens van levensvatbaarheid bij 28 weken zwangerschap en 1000 gram, nu is dat 24 weken en 500 gram. Ik ben altijd terughoudend geweest. Zo'n ingrijpende behandeling loopt vaak niet goed af, moet je dat het kind aandoen?" Een belangrijk probleem hierbij is dat voorafgaand aan de behandeling vaak niet te overzien is wat het eindresultaat zal zijn. Als het resultaat van de behandeling echter sterk tegenvalt, dan valt levensbeëindigend handelen te overwegen, zo stelde De Leeuw al eerder tijdens zijn loopbaan als neonatoloog.

Gisteren vroeg hij zich ook af of het wel zinvol is een bepaalde behandeling te starten. Centraal moet volgens hem de kwaliteit van het leven staan. "We moeten niet alleen uit zijn op behoud van het leven. Als er maar 10 procent kans is op groot succes van een behandeling en 90 procent kans dat het verkeerd afloopt, moet je je afvragen of dat het waard is."

Wat gebeurt er als je kind veel te vroeg wordt geboren | Kruispunt

tags: #richard #de #leeuw #neonatoloog