Veel ouders dromen ervan dat hun baby doorslaapt, en vaak worden ze overladen met adviezen, zoals het geven van een papfles om de buik van de baby beter gevuld te houden. Echter, de definitie van doorslapen voor een baby is wezenlijk anders dan wat wij volwassenen ermee bedoelen. Voor een baby betekent doorslapen doorgaans 5 tot 6 uur aan één stuk slapen, niet de 8 uur of de hele nacht die wij vaak verwachten.
De eerste weken is het voor een baby vrijwel onmogelijk om echt door te slapen. Dit is een slimme aanpassing van de natuur: de baby slaapt niet te lang achtereen om te zorgen voor voldoende voeding en om de band met de ouder te onderhouden. Vanaf ongeveer 6 weken oud kan een baby potentieel langer slapen, maar dit is geen garantie. Er zijn altijd redenen waarom een baby wakker wordt in de nacht, zoals honger, eenzaamheid, of een oncomfortabele temperatuur (te nat, te koud, te warm).
Co-sleeping kan bijdragen aan een betere nachtrust voor zowel baby als ouder. Het stelt ouders in staat direct in te spelen op de behoeften van hun kind, hongersignalen niet te missen en geruststelling te bieden met een aai over het hoofd.
In principe begint een baby pas echt door te slapen wanneer de behoefte aan nachtvoedingen afneemt, wat meestal rond de 6 maanden het geval is. Hoewel veel baby's vanaf 9 maanden doorslapen, kan het tot de leeftijd van 3 jaar duren voordat een kind daadwerkelijk de hele nacht doorslaapt.
Mythes en Feiten over Doorslapen
Er bestaan diverse misvattingen over factoren die het doorslapen van een baby zouden bevorderen. Het is belangrijk om deze te ontkrachten:
- Kunstvoeding als garantie voor doorslapen: Dit is een fabel. Kunstvoeding biedt geen garantie dat een baby doorslaapt.
- Rijstebloem toevoegen aan de voeding: Het toevoegen van rijstebloem aan de voeding van een baby zorgt weliswaar voor meer calorieën, maar dit kan de slaap juist verstoren. Rijstebloem is loze vulling die de plek inneemt waar melk had kunnen zitten.
- Nachtvoedingen zijn ongezond: Nachtvoedingen zijn juist belangrijk voor de bloedsuikerspiegel en de ontwikkeling van de hersenen. Het is dus volkomen normaal en gezond als een baby 's nachts nog melk drinkt.
- Te weinig rust overdag: Te weinig rust overdag kan juist leiden tot een verstoord slaapritme. Een oververmoeide baby zal 's nachts moeite hebben om in slaap te vallen en ontspannen te blijven.

Ondersteuning voor Ouders en Baby
Het is belangrijk voor ouders om te beseffen dat het normaal is als een baby nog niet doorslaapt. Er zijn echter manieren om de nachten voor zowel ouder als kind gemakkelijker te maken:
- Luister naar de behoeften van je kind: Observeer goed wat je baby nodig heeft en pas je hierop aan.
- Zorg voor je eigen rust: Als ouder is het essentieel om ook bij te tanken. Overweeg om op een andere kamer te slapen of vraag je partner om de nachtdienst over te nemen met een flesje.
- Borstvoeding en nachtvoeding: Als je borstvoeding geeft en toch 's nachts wilt voeden, kan je partner helpen door de baby aan te geven en na de voeding weer terug in bed te leggen.
- Veilig samen slapen: Dit kan een uitkomst bieden en bijdragen aan een rustigere nachtrust.
- Rust overdag: Probeer overdag te rusten wanneer de baby slaapt.
Het is normaal om als (aanstaande) ouder onzeker te zijn over de slaapgewoonten van een baby. Informatie verzameld uit eigen ervaring kan hierbij enorm helpen.
De Rol van Pap in de Babyvoeding
Naast geruststellende slaaprituelen en een geschikte slaapomgeving, speelt ook de avondmaaltijd een rol in de nachtrust van een baby. Een hongerstillende en licht verteerbare avondmaaltijd die niet zwaar op de maag ligt, kan bijdragen aan een betere nachtrust.
Het Onderzoeksinstituut voor Kindervoeding adviseert om na de 4e tot 6e maand de melkvoeding geleidelijk aan te vullen met vaste voeding. Veel ouders vragen zich af welke pap het meest geschikt is voor een goede nachtrust.
Soorten Pap en Geschiktheid per Leeftijd
Voor de avondmaaltijd is een melk-granenpap traditioneel populair. De melk levert goed verteerbaar eiwit, terwijl de graanvlokken energie leveren die langdurig beschikbaar is, waardoor de baby ongestoord kan slapen zonder wakker te worden van de honger.
Belangrijke overwegingen bij het geven van pap:
- Timing: De baby mag niet te moe zijn tijdens het avondeten, zodat hij rustig zijn buikje vol kan eten.
- Variatie: Variatie in de voeding gedurende de dag, met een aangepaste avondmaaltijd, kan nachtvoedingen overbodig maken.
- Tandhygiëne: Vergeet niet de tandjes te poetsen voor het slapen gaan.
Vanaf 4 maanden:
Rijstebloem is een geschikte eerste pap omdat het licht verteerbaar is en weinig vezels bevat. Het Voedingscentrum adviseert echter om niet te vroeg te beginnen met pap, in elk geval niet voor 4 maanden, omdat het spijsverteringsstelsel van de baby de vezels nog niet goed kan verteren. Vanwege de relatief hoge hoeveelheid arseen in rijstproducten, wordt geadviseerd dit niet elke dag te geven.
Vanaf 6 maanden:
Vanaf deze leeftijd kunnen 'fijne granen' worden geïntroduceerd, zoals tarwe, havermout, spelt of oerpap. De hoeveelheid vezels kan geleidelijk worden opgebouwd. De textuur is glad en de smaak zacht. IJzerrijke babygranen zijn belangrijk voor baby's op deze leeftijd.
Vanaf 8 maanden:
De granen kunnen wat meer smaak krijgen, zoals tarwebloem en havermout. De textuur wordt iets dikker en grover, en fruit kan worden toegevoegd voor smaakontwikkeling. Volkoren producten mogen nu ook worden geïntroduceerd.
Vanaf 12 maanden:
Kinderen zijn nu dreumesen. Gecombineerde granen met een grovere structuur kunnen worden gegeven om het kauwen te stimuleren.
Vanaf 15 maanden:
Peuterpap kan worden geïntroduceerd, met opties voor grotere kinderen met meer textuur en stukjes fruit.
Pap versus Brood
Hoewel pap en brood beide van granen zijn gemaakt en vergelijkbare voedingswaarde bieden, is het belangrijk brood niet te vaak door pap te vervangen. Brood bevat jodium, een belangrijke voedingsstof die in pap ontbreekt. Bovendien stimuleert het eten van brood de mondspieren en draagt het bij aan de spraakontwikkeling door het oefenen van kauwen.

Praktische Tips voor de Papfles
Het geven van een papfles vereist een iets andere aanpak dan een normale flesvoeding.
Wat zit er in een papfles?
Een papfles bevat moedermelk of opvolgmelk waaraan granen zoals rijstebloem, tarwe of havermout zijn toegevoegd. Hierdoor wordt de melk dikker. Dit introduceert de baby aan nieuwe smaken en bereidt de maag voor op andere voedingen.
Nadelen en aandachtspunten bij de papfles:
- Arseen in rijstebloem: Hoewel er strenge eisen zijn aan babyvoeding, bevatten rijstproducten relatief veel arseen. Het Voedingscentrum adviseert om dit soort producten niet dagelijks te geven.
- Mondmotoriek: Het geven van pap met een lepel is beter voor de mondmotoriek (kauwen en slikken) dan via een fles. Dit traint de mondspieren en oefent kauwbewegingen.
- Zuigflescariës: Een baby die in slaap valt met een papfles, loopt risico op zuigflescariës omdat het tandglazuur niet herstelt. Een fopspeen is een beter alternatief voor zuigbehoefte.
Als je toch een papfles wilt geven, blijf er dan bij en zorg dat deze, net als andere flesvoedingen, snel wordt opgedronken. Het tandenpoetsen direct na het voeden is essentieel.
Doorslapen dankzij de papfles?
Het idee dat een papfles leidt tot beter doorslapen is een fabel. De hoeveelheid energie in een fles met rijstebloem verschilt nauwelijks van een fles zonder. Een baby slaapt door wanneer hij eraan toe is, en pap maakt hierin weinig verschil. Sommige ouders merken echter dat een papfles wel helpt, mogelijk als onderdeel van een prettig bedtijdritueel dat rust brengt.
Tips voor het geven van een papfles:
- Etiket controleren: Kies pap zonder toegevoegde suikers, aangezien deze onnodige calorieën leveren en slecht zijn voor de tanden. Went je kind aan hartige smaken.
- Speenkeuze: Gebruik een speen met een groter gat voor dikkere pap, of speciale papflessen.
- Oefenen: Experimenteer met de hoeveelheid pap en de speen om te zien wat het beste werkt voor je baby.
- Opvolgmelk gebruiken: Pap kan het beste worden gemaakt met kunstvoeding. Moedermelk is lastiger omdat een enzym de binding belemmert. Gebruik opvolgmelk tot de baby 1 jaar oud is, daarna kan gewone melk.
- Met een lepel geven: Geef pap zoveel mogelijk met een lepel voor een betere mondmotoriek en langzamere verwerking door de darmen.
IJzerverrijkte babygranen of pap leveren essentiële voedingsstoffen in een kleine portie, ideaal voor een kleine maag. Begin met een dunnere pap en stap over op een dikkere textuur naarmate de eetvaardigheden van je kind zich ontwikkelen.