Een uitstrijkje, een routineonderzoek om de gezondheid van de baarmoederhals te controleren, kan soms onverwachte wendingen nemen, zeker in combinatie met een kinderwens of een zwangerschap. Het verhaal van Brenda illustreert de complexe interactie tussen uitstrijkjes, zwangerschapswens en zelfs kankerdiagnoses.
Brenda's verhaal: Van bloedingen naar kankerdiagnose tijdens zwangerschap
In 2016 begon Brenda af en toe last te krijgen van bloedingen, die ze destijds niet serieus nam. Toen ze een vaste relatie kreeg, werden de bloedingen echter aanzienlijk erger. Een bezoek aan de huisarts resulteerde in een uitstrijkje, waarbij onrustige cellen werden geconstateerd. Een half jaar later, in mei 2017, toonde een controle-uitstrijkje nog steeds een PAP3a-uitslag.
Afwachtend beleid en een lisexcisie
Hoewel de gynaecoloog de baarmoederhals er niet onrustig uit vond zien, kleurden enkele cellen op bij aanstippen. Voor de zekerheid werden biopten genomen, gevolgd door een lisexcisie. Na jaren van regelmatige controles, uitstrijkjes en biopten, bereikte Brenda in december 2018 eindelijk een PAP 1-uitslag, wat duidde op normale cellen.
Onverklaarbare buikpijn en vruchtbaarheidsproblemen
In februari 2019 kreeg Brenda te maken met onverklaarbare buikpijn. Ze begon zich af te vragen of deze pijn mogelijk de reden was dat zwanger worden na twee jaar nog steeds niet lukte. Na doorverwijzing naar een fertiliteitsarts en aanvullend onderzoek werd duidelijk dat natuurlijk zwanger worden niet vanzelf zou gaan.
Terugval en een PAP3b-uitslag
Begin 2020 vond het volgende controle-uitstrijkje plaats. Brenda ging hoopvol naar de afspraak, met de verwachting dat een goede uitslag haar zou instromen in het bevolkingsonderzoek. Helaas kreeg ze de uitslag PAP3b, wat opnieuw duidde op afwijkende cellen.
Zwanger en de diagnose kanker
Tijdens een volgende controle in het ziekenhuis werden opnieuw biopten genomen. Brenda werd verzekerd dat dit geen invloed zou hebben op haar zwangerschap. Uiteindelijk werd ze doorverwezen naar het UMC Utrecht, waar tijdens het tweede trimester van haar zwangerschap, bij 12,5 weken, een conisatie onder narcose werd uitgevoerd. De ingreep verliep zonder complicaties.
Baarmoederhalskanker en een moeilijk advies
Een week na de conisatie kreeg Brenda de schokkende uitslag: baarmoederhalskanker. Het medische advies was om de zwangerschap af te breken om een operatie mogelijk te maken. Brenda voelde zich emotieloos. De dag na het telefoongesprek met het ziekenhuis werd ze gebeld door haar huisarts, die al op de hoogte was gesteld. Na het bellen van haar ouders en een bezoek aan vrienden, voelde ze zich "flabbergasted".

Op zoek naar informatie en steun
Na de eerste schok begon Brenda online informatie te zoeken. Ze stuitte op het boek "De dag dat ik dood ging" van Tania Bongers, dat ze in één adem uitleesde. Contact met Tania Bongers, die haar zwangerschap destijds ook niet had afgebroken, bood hoop en perspectief.
Een nieuw ziekenhuis en een aangepast behandelplan
Brenda's casus werd voorgelegd aan de Adviesgroep Kanker in de Zwangerschap (AKZ). Ze kreeg contact met een Vlaamse arts die gespecialiseerd was in chemotherapie tijdens de zwangerschap. Brenda had echter geen goed gevoel meer bij haar oorspronkelijke arts en het voorgestelde behandelplan, dat het verwijderen van haar lymfeklieren omvatte. Bij uitzaaiingen zou de zwangerschap alsnog afgebroken moeten worden.
Amsterdam UMC en een ander perspectief
Brenda werd doorverwezen naar het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis, maar vanwege het ontbreken van een verloskunde-afdeling, werd het Amsterdam UMC haar behandelcentrum. Daar werd ze behandeld door hetzelfde team. Ze voelde zich gehoord en kreeg hetzelfde advies: bij 18 weken zwangerschap zouden haar lymfeklieren worden verwijderd, waarna de volgende stappen bepaald zouden worden.

De 20-wekenecho en een uitzaaiing
De 20-wekenecho, iets vroeger dan gepland, bracht meer duidelijkheid. Er waren 20 klieren verwijderd, waarvan er in één uitzaaiing was gevonden. Brenda kreeg de vraag of ze aan het plan wilde vasthouden, terwijl haar baby kerngezond bleek te zijn.
Chemotherapie en een gezonde baby
Brenda's "oergevoel" gaf aan dat het goed zat, en ze was geen moment bang dat er iets met haar baby zou gebeuren. Bij 20 weken zwangerschap startte ze met haar eerste chemokuur. Uiteindelijk werd de baby met 30,5 week gezond geboren.
Direct na de geboorte: medicatie en bestralingsvoorbereiding
Direct na de geboorte van haar baby, die ze direct hoorde huilen, kreeg Brenda medicatie waardoor ze half van de wereld was. Dit maakte het voor de oncoloog mogelijk om haar baarmoeder te inspecteren en voor de radiotherapeut om goudmarkers te plaatsen voor de bestraling. In de uitslaapkamer was ze extreem moe.

De eerste ontmoeting en de start van de behandeling
Toen Brenda 's avonds haar baby voor het eerst zag, merkte ze op dat het kindje rood haar had, terwijl zowel zij als haar toenmalige partner blond waren. Ze twijfelde of de juiste couveuse was aangewezen, aangezien ze niet wist hoe een baby van 30 weken eruitziet.
Drie weken na de keizersnede volgde chemoradiatie en brachytherapie (inwendige bestraling). Brenda voelde zich ziek en lelijk, en verlangde naar haar normale leven. Tegelijkertijd genoot ze van haar baby, maar het was een zware periode.
Herstel en verwerking
Na een maand herstel begon Brenda weer met sporten en na drie maanden met werken. Ze wilde haar oude zelf weer zijn en had het gevoel de regie over haar leven kwijt te zijn. Momenteel bevindt ze zich in haar controletraject, waarbij ze langer dan de gebruikelijke vijf jaar wordt gemonitord vanwege de bestraling.
Emotionele verwerking en psychologische ondersteuning
Brenda merkt dat ze nu pas echt begint met het verwerken van de gebeurtenissen. De drukte van haar eigen zaak en de zorg voor haar kind hielden haar voorheen te veel bezig. Nu merkt ze dat ze soms boos wordt op de kanker en wat haar is overkomen. Wanneer ze zich kwetsbaar voelt, komt deze woede soms plotseling opzetten. Ze bezoekt een psychotherapeut, wat haar helpt om weer bij zichzelf terug te komen. In maart 2023 stond een reis naar Portugal gepland met een groep jongvolwassenen die ook kanker hebben meegemaakt.
Brenda deelde haar verhaal in november 2023.
Uitstrijkje tijdens de zwangerschap: Wanneer wel en wanneer niet?
Voor zwangere vrouwen of vrouwen die recent bevallen zijn, is het over het algemeen raadzaam om deelname aan het bevolkingsonderzoek uit te stellen. Een uitstrijkje tijdens de zwangerschap kan leiden tot ongemakken, zoals bloedverlies. Als er geen klachten zijn, is het beter om het onderzoek uit te stellen tot na de zwangerschap.
Klachten en huisartsconsultatie
Bij klachten, zoals ongewone afscheiding of bloedingen na seksueel contact, is het raadzaam contact op te nemen met de huisarts. De huisarts kan beoordelen of een uitstrijkje toch zinvol is. Uitstel van het bevolkingsonderzoek is ook mogelijk bij bijvoorbeeld verblijf in het buitenland voor langere tijd.
Specifieke situaties en bevolkingsonderzoek
Wanneer de baarmoederhals volledig is verwijderd, is deelname aan het bevolkingsonderzoek niet nodig, omdat er geen risico op baarmoederhalskanker meer is. Bij twijfel over de volledige verwijdering is het raadzaam contact op te nemen met een arts.
DES-dochters (dochters van moeders die tijdens de zwangerschap diëthylstilbestrol hebben gebruikt) wordt afgeraden deel te nemen aan het bevolkingsonderzoek, omdat het onderzoek op HPV (humaan papillomavirus) voor hen onvoldoende is. Voor deze groep is een uitstrijkje van de baarmoederhals en de vagina iedere twee jaar noodzakelijk om afwijkende cellen te detecteren. Contact met de huisarts is hiervoor vereist.
Vraag het een professional op kanker.nl
Via "Vraag het een professional" op kanker.nl kunnen patiënten vragen stellen aan deskundigen over hun diagnose, onderzoeken, behandeling, bijwerkingen en leven met of na kanker. De deskundigen kunnen meedenken en uitleg geven, maar vervangen nooit de eigen arts, verpleegkundige of hulpverlener.
Hoe stel je een vraag?
Voor het stellen van een vraag is een account nodig. Na het inloggen kan een keuze gemaakt worden uit de beschikbare professionals. Het is belangrijk om de vraag zo duidelijk mogelijk te formuleren en relevante informatie te vermelden, zoals uitgevoerde onderzoeken, stadium van de ziekte, kenmerken van de tumor, uitslagen van onderzoeken, de eindconclusie van weefselonderzoek, gebruikte medicatie, data van bestraling of operaties, en ervaren problemen (zoals angst of relatieproblemen).
Alle vragen en antwoorden zijn openbaar. De professionals stellen geen diagnose, geven geen second opinion en geen behandeladvies. Bij klachten die op kanker kunnen duiden, is het raadzaam direct naar de huisarts te gaan.
Aanpassingen in het bevolkingsonderzoek na zwangerschap
Vrouwen kunnen vanaf 6 weken na de zwangerschap (bevalling, miskraam of abortus) deelnemen aan het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker. Deze termijn is in 2022 aangepast van zes maanden naar zes weken, na onderzoek dat uitwees dat het niet nodig is om langer te wachten en de betrouwbaarheid van het uitstrijkje niet vermindert.
Huisartsen en doktersassistenten kunnen patiënten voorlichten over het advies om minimaal 6 weken na de zwangerschap het uitstrijkje af te nemen. Zwangere patiënten met vragen over zwangerschap en het bevolkingsonderzoek kunnen terecht bij de (behandelende) gynaecoloog.
Het maken van een uitstrijkje
tags: #uitstrijkje #zwanger #worden