Wanneer u een kind heeft dat ziek is of een lichamelijke beperking heeft, is het belangrijk om te weten welke zorg er beschikbaar is. Kindzorg is bedoeld voor kinderen tot 18 jaar en omvat verpleging en verzorging in de eigen leefomgeving. Deze zorg is erop gericht om zowel het kind als het gezin te ondersteunen bij het dagelijks leven, of dit nu thuis is, op een verpleegkundig kinderdagverblijf, in een kindzorghuis, op school of bij familie.
De term 'kindzorg' verwijst officieel naar de zorg die door verpleegkundigen wordt verleend. Dit kan diverse vormen aannemen, afhankelijk van de specifieke behoeften van het kind.
Aanvragen van Kindzorg
Voor het aanvragen van kindzorg is doorgaans geen verwijzing van een huisarts of kinderarts nodig. U kunt direct contact opnemen met een zorgaanbieder. Na een ziekenhuisopname kan het ziekenhuis vaak assisteren bij de aanvraagprocedure. In sommige gevallen, met name wanneer u een zorgaanbieder kiest zonder overeenkomst met uw zorgverzekeraar, of wanneer de zorg wordt ingekocht met een persoonsgebonden budget (pgb), is toestemming van uw zorgverzekeraar vereist.
Een kinderverpleegkundige zal samen met u en uw gezin de benodigde zorg en de meest geschikte zorgverlener vaststellen. Dit proces, bekend als indicatiestelling, resulteert in een zorgplan waarin de situatie van het kind en de omgeving gedetailleerd worden beschreven.

De Werkwijze: Medische Kindzorg Samenwerking (MKS)
Binnen de kindzorg wordt gewerkt met de methode Medische Kindzorg Samenwerking (MKS). Deze werkwijze is ontworpen voor het indiceren, organiseren en uitvoeren van verpleegkundige zorg aan zieke kinderen buiten het ziekenhuis. Het hoofddoel van MKS is het leveren van integrale kindzorg, wat betekent dat elk kind de juiste zorg op de juiste plaats ontvangt.
Vergoeding van Kindzorg
Kindzorg wordt meestal vergoed vanuit het basispakket van de zorgverzekering (Zorgverzekeringswet, Zvw). In sommige gevallen kan de financiering ook plaatsvinden vanuit de Jeugdwet of de Wet langdurige zorg (Wlz).
Het basispakket van de zorgverzekering is in Nederland voor iedereen gelijk. De keuze van de zorgverlener en de locatie waar de zorg wordt geleverd, kan echter per zorgverzekeraar verschillen. U heeft als ouder of verzorger de mogelijkheid om te kiezen voor zorg in natura of een persoonsgebonden budget (pgb) aan te vragen bij de zorgverzekeraar. De kinderverpleegkundige volgt voor het indicatieproces dezelfde stappen, ongeacht de gekozen leveringsvorm.
Wanneer valt zorg onder de Zvw?
Zorg met een geneeskundige context valt onder de Zvw. Dit betreft zorg die verband houdt met de behoefte aan medische zorg van een kind en het risico hierop. De kinderverpleegkundige beoordeelt of uw kind dergelijke zorg nodig heeft of een verhoogd risico loopt.
Zorg via de Gemeente
Indien uw kind ondersteuning nodig heeft bij dagelijkse handelingen zoals wassen en aankleden, bijvoorbeeld vanwege een psychiatrische aandoening, verstandelijke beperking of zintuiglijke handicap, maar dit niet direct samenhangt met een behoefte aan geneeskundige zorg of een hoog risico hierop, kunt u hiervoor terecht bij de gemeente.
Zorg vanuit de Wlz
Als uw kind medische problemen heeft, wordt de zorg doorgaans vergoed vanuit het basispakket. Echter, wanneer uw kind naast medische problemen ook een verstandelijke handicap heeft en de zorg voornamelijk gericht is op deze handicap, kan de Wet langdurige zorg (Wlz) van toepassing zijn. In dat geval is verpleging en verzorging onderdeel van de zorg die vanuit de Wlz wordt geleverd, zonder eigen bijdrage tot het 18e levensjaar van het kind.
Voeding en Verzorging van een Dreumes
Gedurende de ontwikkeling van een dreumes zijn voeding en verzorging cruciaal. Vanaf ongeveer 18 maanden kan een kind geleidelijk meedelen in de maaltijden van het gezin. Het aanleren van gezonde voedingsprincipes vanaf jonge leeftijd is belangrijk. Peuters kunnen selectief zijn in wat ze eten, wat vaak een uiting is van hun groeiende zelfstandigheid en wens tot onafhankelijkheid. De eetlust kan variëren, wat normaal is. Het voedingsschema van een peuter begint meer op dat van een volwassene te lijken.
Bij een evenwichtige en gevarieerde gezinsvoeding kan het kind meedoen, met aandacht voor specifieke behoeften zoals voldoende calcium, ijzer, vet en een beperkte hoeveelheid eiwitten. Het geleidelijk introduceren van meer voedingsvezels is ook aan te raden.
Vitamine D en Fluoride
Er wordt aanbevolen alle kinderen tot 6 jaar dagelijks 400 IE vitamine D te geven, het hele jaar door. Kinderen met een donkere huidskleur hebben mogelijk een hogere dosis van 600 IE per dag nodig tot hun 18e jaar. Vitamine D kan het lichaam zelf aanmaken onder invloed van zonlicht, maar dit is onvoorspelbaar. Poetsen met fluoridehoudende tandpasta vanaf de eerste tanddoorbraak is voldoende voor de fluoridebehoefte; extra inname in de vorm van druppels of tabletten is niet nodig.
Vocht en Maaltijden
Water is de beste dorstlesser. Kinderen tussen 1 en 3 jaar hebben ongeveer 0,5 tot 1 liter vocht per dag nodig, en kleuters tussen 3 en 6 jaar 1,5 liter. Vocht moet bij voorkeur na of tussen de maaltijden worden gedronken, om de eetlust niet te verstoren. Kinderen van 1 tot 6 jaar groeien snel en zijn actief. Gezonde, aantrekkelijke maaltijden en tussendoortjes zijn belangrijk. Verdeel de voeding over 3 hoofdmaaltijden en maximaal 2 tussendoortjes. Peuters en kleuters kunnen doorgaans kleine porties eten.

Belang van een Evenwichtige Voeding
Naast de kwaliteit is de hoeveelheid voeding essentieel voor voldoende voedingsstoffen, afhankelijk van leeftijd, geslacht, groei en activiteit. Peuters geven vaak zelf aan hoeveel ze nodig hebben. Er wordt aanbevolen om vetstoffen te kiezen die rijk zijn aan onverzadigde vetzuren, zoals margarine als broodsmeersel en oliën voor bereidingen. Melk blijft een belangrijk voedingsmiddel, in de vorm van moedermelk, aangepaste melkvoeding, volle melkproducten of calciumverrijkte sojaproducten. Vanaf 12-18 maanden kan, bij een gezonde voeding en eventuele vitamine D-supplementatie, overgeschakeld worden op volle melk of calciumverrijkte sojadrink. Gebruik tot 3 jaar volle melkproducten, daarna is halfvolle melk geschikt. Vitamine D-suppletie tot 6 jaar is noodzakelijk.
Groeimelk of -drink kan een meerwaarde bieden als een gezonde, evenwichtige voeding moeilijk te realiseren is of als er te weinig vitamine D wordt ingenomen. Deze producten kunnen helpen de inname van ijzer, vitamine D, omega-3 vetzuren, jodium en zink te verhogen. Kies bij voorkeur voor ongezoete varianten zonder toegevoegde smaak.
Plantaardige dranken zoals notendrank of rijstdrank bevatten niet de juiste voedingsstoffen voor de groei en ontwikkeling van een kind en zijn geen vervanging voor melk.
Voedingsadvies en Zelfregulatie
De aanbevolen hoeveelheid melkvoeding per dag is 350-500 ml, wat voldoende is en voorkomt dat een kind te veel eiwit en calcium binnenkrijgt. Te veel melk kan leiden tot verminderde eetlust voor andere essentiële voedingsmiddelen. Het is belangrijk om het gebruik van vetstoffen niet te beperken, maar te kiezen voor onverzadigde vetzuren.
Een kind kan beginnen met het gebruik van een vork om te eten, hoewel het oppikken en afhappen nog lastig kan zijn. Het is normaal dat een peuter af en toe een bord laat vallen. Het creëren van een positieve sfeer aan tafel, gericht op autonomie, verbondenheid en competentie, kan helpen.
Brood is een goede bron van voedingsstoffen. Bij twijfel of een kind voldoende heeft gegeten, is het geruststellend te weten dat kinderen vaak zelf goed aanvoelen wanneer ze genoeg hebben. Het opdringen van eten of grotere porties aanbieden, kan beter vermeden worden.
De Schijf van Vijf bevat gezonde producten die bijdragen aan de groei van een kind, zoals groenten, fruit, volkoren graanproducten, vis en eieren.
Overgang na Ziekenhuisopname
Bij ontslag uit het ziekenhuis wordt u voorbereid op de thuiskomst met tips en adviezen over verzorging en voeding. Het informeren van het consultatiebureau (JGZ) over de thuiskomst is belangrijk, zodat zij op de hoogte zijn van de benodigde zorg. Indien gewenst kan uitgestelde kraamzorg of couveuse-nazorg worden aangevraagd, wat ondersteuning biedt bij de zorg voor de baby, zoals borstvoeding, badjes en het uitkoken van flessen.
Rooming-in, waarbij ouders al tijdens het ziekenhuisverblijf voor hun kind kunnen zorgen, kan de overgang naar huis vergemakkelijken.
Medische en Zorgkundige Aspecten
Hygiëne en Gezondheid
Het baden van een baby kan op een moment dat het in het eigen ritme past, bij voorkeur voor de voeding om spugen te voorkomen. Het badwater dient tussen de 37 en 37,5 graden Celsius te zijn. Bij een droge huid kan badolie worden gebruikt. De huidplooien van de baby dienen extra goed gedroogd te worden.
Het navelstompje droogt na ongeveer een week in en valt er vanzelf af, meestal binnen veertien dagen. Bij roodheid of een vieze geur van de navel is het raadzaam contact op te nemen met een zorgverlener.
Het knippen van nagels wordt de eerste zes weken afgeraden; vijlen of afscheuren kan wondjes veroorzaken die tot infecties kunnen leiden.
Een baby dient minimaal zes natte luiers per dag te hebben. De eerste ontlasting, meconium, is donker van kleur en komt meestal binnen 48 uur na de geboorte. Bij flesvoeding is de ontlasting bruin/geel, bij borstvoeding kan deze enkele dagen uitblijven ('spuitluiers'). Het tijdig verschonen van de luier voorkomt luieruitslag; bij roodheid kan luierzalf worden gebruikt. Ongeparfumeerde luierdoekjes en bij voorkeur geen water om de billen schoon te maken, worden aangeraden.
Het dagelijks opnemen van de lichaamstemperatuur van een baby is niet nodig, tenzij er zorgen zijn over oververhitting of onderkoeling. Een normale lichaamstemperatuur ligt tussen 36,8 en 37,5 graden Celsius. Een omgevingstemperatuur van 18 tot 20 graden Celsius is geschikt voor baby's.

Veiligheid en Slaap
Het bedje van de baby dient laag te zijn opgemaakt en de baby dient op de rug te slapen. Buikligging en het gebruik van een dekbed vergroten het risico op wiegendood. Overdag kan de baby korte tijd op de buik worden gelegd, mits onder toezicht.
De kleding van de baby dient aangepast te zijn aan de omgevingstemperatuur. Bij kouder weer of buiten kan een extra laag kleding en een mutsje nuttig zijn. Bij warm en zonnig weer kan de kap van de kinderwagen omlaag.
Het is cruciaal dat er niet in de buurt van de baby wordt gerookt, ook niet door kraambezoek. Rookdeeltjes zijn schadelijk en verhogen het risico op wiegendood.
Voeding en Drinken
Baby's die uit het ziekenhuis komen, zijn vaak gewend aan 7-8 voedingen per dag. Een periode van maximaal 6 uur tussen de laatste avondvoeding en de eerste ochtendvoeding is wenselijk. Een extra nachtvoeding is mogelijk indien nodig. Bij flesvoeding wordt aangeraden deze op vaste tijden te geven voor regelmaat en structuur.
Een normale voeding duurt ongeveer 20 tot 30 minuten. Bij borstvoeding is voldoende rust en hydratatie (1,5 tot 2,5 liter per dag) belangrijk. Sterk gekruide spijzen en koolsoorten kunnen beter vermeden worden.
Het aanleggen van de baby bij elke voeding stimuleert de melkproductie. Honger- en regeldagen zijn normaal en duiden op een behoefte aan meer voeding. Bij onvoldoende borstvoeding kan bijvoeding met een flesje nodig zijn.
Prematuur geboren baby's kunnen sneller vermoeid zijn tijdens het drinken aan de borst. De voeding dient dan op een rustige manier te worden uitgebreid. Bij kinderen die op tijd zijn geboren, wordt 'voeden op aanvraag' nagestreefd.
Moedermelk en Flesvoeding
Moedermelk kan thuis 72 uur in de koelkast worden bewaard, bij voorkeur niet in de koelkastdeur. Het invriezen van moedermelk vereist specifieke procedures afhankelijk van de vriezer.
Flesvoeding dient bereid te worden volgens de instructies op de verpakking, bij voorkeur één fles tegelijk. Koud leidingwater kan worden gebruikt, waarna de fles kan worden opgewarmd. Controleer altijd de temperatuur van de voeding.
Hygiëne bij Flessen en Kolven
Flessen, spenen en kolfmateriaal dienen na elk gebruik te worden afgespoeld en schoongemaakt met heet water en afwasmiddel. Tot de baby zes maanden oud is, dienen deze voorwerpen dagelijks uitgekookt te worden of in de vaatwasser op minimaal 55 graden Celsius op een lang programma te worden gereinigd. Laten drogen aan de lucht op een schone doek is aan te raden.
Ontwikkeling en Welzijn van de Dreumes
Gehoor en Ontwikkeling
Alle kinderen in Nederland ondergaan kort na de geboorte een gehoorscreening om gehoorproblemen vroegtijdig op te sporen. De JGZ neemt hiervoor contact op om een afspraak te maken.
Baby's worden zich tussen de twee en vier maanden oud bewust van hun omgeving, wat kan leiden tot kortere slaapperiodes en een grotere behoefte aan aandacht. Het is belangrijk de baby wakker in bed te leggen, zodat deze leert zelf in slaap te komen. Vermijd oogcontact bij het in bed leggen.
Huilen en Troosten
Het is normaal dat baby's huilen; tot tien procent van de dag is gebruikelijk. Het achterhalen van de oorzaak van het huilen en het bieden van troost, bijvoorbeeld door het kind in de armen te nemen of in een draagzak/draagdoek te dragen, kan helpen. Een goede regelmaat kan nachtelijke huilbuien voorkomen.
Baby's kunnen overprikkeld raken door nieuwe indrukken, wat kan leiden tot meer huilen en slechter slapen. Een 'inslaaphuiltje' van ongeveer een kwartier is normaal. Het is belangrijk de baby niet steeds uit bed te halen en nachtvoedingen kort te houden zonder het te gezellig te maken.
Als een baby abnormaal veel, hard huilt of als het huilen ongerustheid veroorzaakt, is het raadzaam medische hulp te zoeken.

Stimuleren van Contact en Lichaamstaal
De omgeving in het ziekenhuis kan veel prikkels bevatten. Ontwikkelingsgerichte zorg is erop gericht de omgeving aan te passen aan wat de baby aankan, met focus op comfort, stabiliteit en het verminderen van stress. Het stimuleren van de relatie tussen ouders en kind is hierbij essentieel.
Communicatie met een baby verloopt via lichaamstaal. Het observeren van de lichaamstaal van de baby helpt ouders de gevoelens en behoeften van hun kind te begrijpen. Nabijheid, aanraking en zachte woordjes herinneren de baby aan de tijd in de baarmoeder.
Door te praten met de baby en hun gedrag na te doen, bouwen ouders een band op en leren ze hun kind beter kennen. Het is belangrijk om de baby de tijd te geven om wakker te worden en te observeren hoe het zich voelt.
Kangoeroeën, huid-op-huid contact, kan de band tussen ouder en kind bevorderen en heeft positieve effecten op de baby.
Omgaan met Prikkels
De baarmoeder is een rustige, donkere omgeving. Na de geboorte moet een baby wennen aan licht, geluid en activiteit. Het dimmen van licht en het minimaliseren van geluidsprikkels in de omgeving van de baby zijn belangrijk voor het ontwikkelen van een dag-nachtritme en het voorkomen van overprikkeling.
Sacharose (een zoete vloeistof) kan worden toegediend voor pijnlijke procedures, om comfort te bieden. Een geurdoekje met de geur van de ouders kan de baby een gevoel van veiligheid geven.
Verdere Ondersteuning en Informatie
Voor specifieke vragen over de zorg voor uw kind kunt u terecht bij uw zorgverzekeraar. Het consultatiebureau biedt ondersteuning bij gezondheid, opvoeding en ontwikkeling. De jeugdarts of verpleegkundige kan advies geven over diverse onderwerpen.
Bij zorgen over de ontwikkeling of het gedrag van uw kind kunnen verschillende deskundigen, zoals kinderartsen, psychologen en maatschappelijk werkers, samenwerken.
Indien uw kind meerdere beperkingen heeft, kan een cliëntondersteuner via de gemeente helpen bij het vinden en aanvragen van de juiste zorg.
Het Juiste Loket kan u informeren over waar u terechtkunt voor specifieke zorgvragen (zorgverzekeraar, gemeente of zorgaanbieder).
De Vereniging van Ouders van Couveusekinderen (V.O.C.) biedt ondersteuning en contact met andere ouders van couveusekinderen.