Het eerste consultatiebureau van Nederland werd op 9 december 1901 geopend aan de Regentesselaan 20 in Den Haag. Dit initiatief was een reactie op de alarmerend hoge zuigelingensterfte aan het einde van de 19e eeuw, toen 1 op de 5 baby's de eerste verjaardag niet haalde. De zorg voor baby's gebeurde destijds voornamelijk op basis van traditie, bakerpraatjes en bijgeloof. De oprichting van het consultatiebureau markeerde een belangrijke stap in de modernisering van de jeugdgezondheidszorg.

De Oorsprong: Bestrijding van Zuigelingensterfte
Het oorspronkelijke doel van het consultatiebureau, opgericht door dokter B.P.B. Plantenga, was het tegengaan van zuigelingensterfte. Dit hoge sterftecijfer werd veroorzaakt door diverse factoren, waaronder voedingsstoornissen, infecties, uitdroging en ondervoeding. Het bureau was primair bedoeld voor 'on- en minvermogende' moeders die geen borstvoeding konden geven. Zij kwamen dagelijks naar het bureau om hun kind te laten wegen en de benodigde melk voor de volgende 24 uur op te halen. De vuile luiers dienden als bewijs dat de baby de voorgeschreven hoeveelheid had gedronken.
Dokter Plantenga hechtte veel waarde aan de kwaliteit van de voeding en betrok de babymelk van speciaal geselecteerde koeien. De melk werd volgens een intensief proces gesteriliseerd met behulp van 'apparaten van Soxhlet'. Moeders namen zijn voedingsadviezen graag ter harte.
Het initiatief van Plantenga vond al snel navolging in andere steden. In Arnhem stond kinderarts Christine Bader aan de wieg van een vereniging voor zuigelingenzorg en later kleuterzorg, waarmee de stad een primeur had op het gebied van consultatiebureaus voor kleuters (1927) en een medisch kleuterdagverblijf (1928).
Evolutie van het Consultatiebureau
De eerste helft van de 20e eeuw stond in het teken van de slogan 'Rust, Regelmaat en Reinheid', gelanceerd door Aafke Gesina van Hulst, oprichtster van de Groene Kruis Vereniging. Op de consultatiebureaus kregen moeders bondige instructies, zoals het stipt voeden van baby's op vaste tijden. De verbetering van hygiëne, sociale omstandigheden en de ontwikkeling van de gezondheidszorg, mede dankzij het toezicht van de consultatiebureaus, hadden een significant positief effect. Tussen 1875 en 1949 daalde het zuigelingensterftecijfer van 20% naar 3%, en het sterftecijfer van 1- tot 5-jarigen van 14% naar 0,8%.

In de loop der jaren breidde de taak van het consultatiebureau zich uit van puur voedingsadvies en groei-monitoring tot een breed scala aan preventieve maatregelen en ondersteuning bij opvoeding en ontwikkeling. Aanvankelijk waren kinderartsen de belangrijkste artsen op het consultatiebureau; later volgden huisartsen en specifieke consultatiebureauartsen.
Na de Tweede Wereldoorlog verschoof het accent geleidelijk naar meer aandacht voor de geestelijke gezondheid en opvoedingsadvisering. De ideeën over wat goed is voor een pasgeborene veranderden voortdurend, mede beïnvloed door maatschappelijke veranderingen en modetrends. Wat in het ene decennium als de juiste aanpak werd gezien, kon in het volgende decennium alweer achterhaald zijn.
Het Consultatiebureau Vandaag: Centrum Jeugd & Gezin (CJG)
Inmiddels is het consultatiebureau in Den Haag uitgegroeid tot een Centrum Jeugd & Gezin (CJG). Deze organisatie verzorgt de jeugdgezondheidszorg en jeugdhulp in de gemeente en biedt extra ondersteuning bij opvoeden en opgroeien. Het CJG richt zich op de ontwikkeling van alle jeugdigen tussen 0 en 19 jaar en legt steeds meer nadruk op het vroegtijdig signaleren van mogelijke ziekten en bedreigingen in de ontwikkeling.
De hedendaagse dienstverlening van het CJG omvat:
- Het volgen van de fysieke, sociale en emotionele ontwikkeling van kinderen.
- Vaccinaties.
- Advies en begeleiding bij vragen over gezondheid, opvoeding en opgroeien.
- Screening, zoals de hielprik en gehoortest bij baby's.
- Ondersteuning bij borstvoeding door lactatiekundigen.
- Nazorg voor te vroeg geboren of laag-gewicht baby's in samenwerking met ziekenhuizen.
- Ondersteuning voor ouders via initiatieven als 'Moeders Informeren Moeders' en 'Stevig Ouderschap'.
De jeugdgezondheidszorg is ook aanwezig op alle basisscholen en in het voortgezet onderwijs. Informatie over de ontwikkeling van kinderen wordt vastgelegd in een Elektronisch Kinddossier, dat uitsluitend binnen de jeugdgezondheidszorg toegankelijk is om de privacy van het kind te waarborgen.
Locaties: Een overzicht van de CJG-locaties in Den Haag is beschikbaar.
Inloopspreekuren: Ouders kunnen met hun kinderen tot 4 jaar terecht op wekelijkse inloopspreekuren voor vragen over verzorging, voeding of ontwikkeling. Op sommige locaties is vooraf een afspraak vereist.
Mijn Kinddossier: Ouders kunnen via 'Mijn Kinddossier' de informatie uit consulten nalezen, afspraken inzien en vaccinatiegegevens bekijken.
De wethouder zorg benadrukt het belang van het CJG voor een veilige en gezonde opvoeding van alle kinderen in Den Haag. De organisatie blijft zich ontwikkelen om aan te sluiten bij de veranderende behoeften van gezinnen, met aandacht voor hedendaagse thema's zoals online veiligheid, middelenmisbruik en verslavingen.
tags: #eerste #consultatiebureau #den #haag