Het optimaliseren van laadoplossingen voor elektrische voertuigen met als doel het zo snel mogelijk voldoen aan de klimaatdoelen van Parijs, dat is de kernactiviteit van BlueMarble Charging. Volgens CEO Robert van de Vegte is e-mobiliteit essentieel voor de Europese Unie om CO2-neutraal te worden. Hij en zijn broer Martijn (COO) richtten in 2019 het Almeerse bedrijf op, dat laadstations en bijbehorende slimme software ontwikkelt om voertuigen optimaal op te laden zonder het elektriciteitsnet te overbelasten.

Van de Vegte benadrukt dat BlueMarble Charging zich onderscheidt door de focus op locaties waar voertuigen langere tijd geparkeerd staan, zoals parkeergarages, kantoorgebouwen, universiteiten en woningen. Het doel is om zoveel mogelijk auto's maximaal op te laden zonder de locatie of het elektriciteitsnet te belasten. E-mobiliteit wordt gezien als een cruciaal onderdeel van de energietransitie, aangezien het aantal elektrische voertuigen toeneemt.
Slim Laden en Innovatieve Software
De software van BlueMarble Charging maakt de 'laaddienst' van begin tot eind mogelijk, inclusief het betaalsysteem, service op afstand, gebruik van duurzame bronnen en efficiënte energieverdeling. Dit laatste is cruciaal vanwege de verwachte toekomstige grotere energiebehoefte dan de beschikbare capaciteit op het net (netcongestie). De slimme software verdeelt de beschikbare energie op de locatie over geplande en lopende laadsessies, rekening houdend met netwerkoverbelasting of energietekorten.
Van de Vegte beschrijft dit als het creëren van een echte energiehub, waardoor de locatie 'smart' wordt. Door het gebruik van duurzame bronnen wordt het laadproces effectiever. Bijvoorbeeld, bij zonnig weer kan de laadpaal met meer vermogen laden.
Gebruikersgerichte Ontwikkelingen
BlueMarble Charging blijft innoveren met de gebruiker in gedachten. Er wordt gewerkt aan een webapp waarmee gebruikers via hun telefoon een code op het laadstation kunnen scannen om laadvoorkeuren in te stellen (hoeveel te laden, wanneer weg te gaan) en de kosten te zien. Gebruikers kunnen aangeven of ze kort of lang willen parkeren en of ze willen meewerken aan slim laden. Een korte parkeerder kan bijvoorbeeld kiezen om direct volledig te laden in plaats van te wachten op een energieoverschot.
OSTRA: Bescherming van Slimme Software
De laadstations van het bedrijf vallen onder de merknaam OSTRA, wat in het Spaans 'oester' betekent. Van de Vegte legt uit dat een oester iets waardevols beschermt, in dit geval de intelligentie van de laadpaal, oftewel de slimme software. Voor de ontwikkeling van deze software ontvingen de broers in 2023 financiering van Horizon, een samenwerking die als zeer positief en respectvol werd ervaren.
Historische Ontwikkeling van Ouderenzorg in Castricum
De geschiedenis van de ouderenzorg in Castricum begint in de negentiende eeuw met de oprichting van een tehuis voor armen en wezen in 1862. In 1912 werd op nagenoeg dezelfde locatie het armenhuis aan de Overtoom in gebruik genomen, dat tot 1968 dienstdeed en nu een appartementencomplex is. De moderne ouderenzorg dateert van de jaren vijftig en zestig, met het eerste bejaardenhuis dat rond 1965 werd geopend.
Vanaf de Middeleeuwen werden ouderen en zieken verzorgd in gasthuizen, later aangevuld met begijnhoven, proveniershuizen en oude mannen- en vrouwenhuizen. De situatie veranderde ingrijpend na de Tweede Wereldoorlog, toen wetenschappelijke interesse voor het welzijn van ouderen groeide. Desondanks werden in de jaren vijftig nog steeds verwaarloosde ouderen aangetroffen in rusthuizen die verre van aangenaam waren.

De Stichting Santmark: Oprichting en Ontwikkeling
In september 1956 werd in Castricum een 'Comité van Aanbeveling' opgericht met als doel een verzorgingshuis voor ouderen van alle gezindten te realiseren. Op 31 januari 1957 diende de Stichting Algemeen Verzorgingshuis een brief in bij het college van B&W van Castricum, waarin de behoefte aan een verzorgingshuis werd benadrukt. De stichting stelde zich ten doel ook mindervaliden, hulpbehoevenden en bedlegerige ouderen op te nemen, in tegenstelling tot een reeds gepland rooms-katholiek verzorgingshuis.
De stichting had een lange adem; na diverse discussies werd in mei 1964 een architect voorgesteld. Ondanks discussies over schuilkelders vanwege de Koude Oorlog, werden deze uiteindelijk niet gerealiseerd. Op 25 juli 1968 werd bekendgemaakt dat het in aanbouw zijnde bejaardenhuis de naam ‘de Santmark’ zou krijgen, mogelijk afkomstig uit een oude ballade.
De Santmark heeft verschillende directeuren gekend. Johannes Simon van der Water was een vroege groepscommandant en adjudant. Chris van Keeken, geboren in 1923, werd later directeur en wist ondanks een gebrek aan zorgervaring en diploma's succesvol financiële middelen te verwerven voor het tehuis. Hij stopte in 1988 en overleed in 2019.
De bouw werd gefinancierd door de Nederlandse Centrale Huisvesting Bejaarden. Het gebouw werd in 1969 geopend als rusthuis, waar bewoners deelnamen aan ondersteunende activiteiten. Het personeel en vele vrijwilligers organiseerden jaarlijkse festiviteiten zoals kerstdiners, carnavalsvieringen en Sinterklaasfeesten.

Na Van Keeken nam Luuk de Waal het directeurschap over. Onder zijn leiding, en later door bestuurlijke veranderingen, kreeg individuele vrijheid en privacy een impuls. Automatische deuren met sleutelbeheer gaven bewoners meer autonomie. De Santmark stelde zich meer open voor zelfstandig wonende ouderen in het dorp, met diensten zoals een rijdende broodwagen.
In de jaren negentig werd het 'Locaal Samenwerkingsverband Castricum' opgericht, waarin alle ouderenzorginstellingen vertegenwoordigd waren. Dit leidde tot structurele samenwerking en de introductie van het substitutieproject 'Aanvullende Verpleeghuiszorg'. Naast festiviteiten waren er diverse activiteiten, zoals clubs voor kaarten, biljarten en handwerken, en een eigen zangkoor 'Santa Lucia'.
De viering van jubilea was een belangrijk onderdeel van het leven in de Santmark. Bij het tienjarig bestaan in 1979 werd een feestweek gehouden met een bazar. In 1994 werd het 25-jarig jubileum gevierd met de uitgave van een jubileumboek. Op 20 maart 2010 vierde de Santmark haar veertigjarig bestaan.