De COMFORT Scale: Een Instrument voor het Meten van Pijn en Comfort bij Neonaten

De COMFORT Scale is een pijnscore schaal die is ontwikkeld om de intensiteit en frequentie van postoperatieve pijn bij neonaten en kinderen tot 18 jaar te meten. Het primaire doel van deze schaal is het vaststellen van distress bij patiënten op de Pediatric Intensive Care Units (PICU). De lijst is speciaal ontworpen voor gebruik in de klinische setting en fungeert als een multidimensionaal meetinstrument dat zowel gedragsmatige als fysiologische parameters omvat.

Grafische weergave van de COMFORT Scale met de verschillende items

Structuur en Toepassing van de COMFORT Scale

De COMFORT Scale bestaat uit een totaal van 8 items, onderverdeeld in 6 subjectieve gedragsparameters en 2 objectieve fysiologische parameters. De subjectieve items omvatten:

  • Alertheid
  • Rust
  • Ademhaling
  • Lichaamsbeweging
  • Spiertonus
  • Gezichtstonus

De objectieve, fysiologische items betreffen:

  • Hartfrequentie
  • Gemiddelde arteriële bloeddruk

De toepassing van de schaal vereist dat de gebruiker het kind gedurende twee minuten observeert, waarna de observatielijst wordt ingevuld. Dit biedt een gestructureerde manier om verschillende aspecten van het welzijn van het kind te beoordelen.

De COMFORT-(behaviour) Scale en de COMFORTneo-schaal

Een specifieke variant, de COMFORT-(behaviour) Scale, is een Nederlandse vertaling van een aangepaste versie van de oorspronkelijke COMFORT Scale. Deze versie omvat de gedragscriteria uit de oorspronkelijke schaal, aangevuld met het item 'huilen' voor kinderen die niet kunstmatig beademd worden. Dit benadrukt het belang van observatie van vocalisaties bij niet-beademde patiënten.

Verder is de COMFORTneo-schaal geïdentificeerd als een geschikt meetinstrument voor het beoordelen van stress en comfort bij pasgeborenen. Deze schaal is afgeleid van de oorspronkelijke COMFORT-schaal en richt zich op zes gedragsitems: alertheid, kalmte, ademhalingsreacties (of huilen), bewegen, spiertonus en gezichtsspanning. Elk item wordt gescoord op een 5-punts Likert-schaal na een observatieperiode van twee minuten.

Infographic die de 6 gedragsitems van de COMFORTneo-schaal illustreert

Klinimetrische Eigenschappen en Validiteit

Onderzoek naar de klinimetrische eigenschappen van de COMFORTneo-schaal heeft veelbelovende resultaten laten zien. Een studie van Van Dijk vergeleek de COMFORTneo-schaal retrospectief met de numeric rating scale (NRS) voor pijn en distress. Hieruit kwam een correlatiecoëfficiënt van 0.83 naar voren voor distress en langdurige pijn, met een afkapwaarde van 14 voor onderscheid tussen stress en geen stress, en een sensitiviteit van 0.81 en specificiteit van 0.90. De interne consistentie, gemeten met Cronbach's alpha, was respectievelijk 0.88 voor niet-beademde en 0.84 voor beademde pasgeborenen. De betrouwbaarheid van de totale COMFORTneo-schaal score werd als bevredigend beschouwd (intra-class correlation coefficient van 0.94).

De oorspronkelijke COMFORT Scale heeft ook validiteitsonderzoek ondergaan. Ambuel et al. (1992) vonden een correlatiecoëfficiënt van 0.75 met de visual analogue scale (VAS). Gjerstad (2008) toonde een correlatie van 0.78 aan met huiddoorlaatbaarheid voor en tijdens zuigen, en 0.68 voor tijdens en na zuigen. De interne consistentie, gemeten met Cronbach's alpha, was 0.90.

De COMFORT-B schaal, specifiek voor verbale kinderen, toonde een redelijke betrouwbaarheid (interrater reliability) met een Intra Class Correlation van 0.96. Valkenburg (2011) vond een correlatiecoëfficiënt van 0.45 met de NRS observer, met een afkapwaarde van 17 voor sensitiviteit van 0.82 en specificiteit van 0.92.

Schema met de resultaten van validiteits- en betrouwbaarheidsstudies van de COMFORT schalen

Context van Perinatale Asfyxie en Therapeutisch Koelen

De toepassing van de COMFORT Scale is relevant in de context van pasgeborenen die lijden aan perinatale asfyxie, een aandoening die kan leiden tot zuurstoftekort, verhoogd koolzuurgehalte en verzuring van het bloed. Asfyxie kan zich uiten in een blauwe of witte huidskleur, problemen met de ademhaling, lage hartfrequentie, zwakke spiertonus en verminderde reactie op prikkels.

In Nederland wordt therapeutisch koelen toegepast bij pasgeborenen met asfyxie, waarbij de lichaamstemperatuur gedurende maximaal 72 uur wordt verlaagd tot 33-34 °C. Hoewel deze therapie gunstig is voor overleving en ontwikkeling, kan deze gepaard gaan met neveneffecten zoals hypotensie, obstructie van de beademingstube, bradycardie en een verlaagd aantal trombocyten. Bovendien beperkt de 'wrap' die gebruikt wordt tijdens het koelen de bewegingsvrijheid van de pasgeborene, wat invloed kan hebben op het comfort.

Gezien deze factoren, en het feit dat therapeutisch koelen mogelijk het metabolisme van bepaalde medicijnen verandert, is het cruciaal om stress zoveel mogelijk te minimaliseren. Dit onderstreept het belang van accurate instrumenten zoals de COMFORTneo-schaal voor het monitoren van comfort tijdens deze behandeling.

Dr. Jeffrey Kaiser legt de koeling van het hele lichaam uit in het Neonatale Centrum van Texas Children's.

Onderzoek naar de COMFORTneo-schaal bij Gekoelde Pasgeborenen

Een kwantitatieve pilotstudie in het Emma Kinderziekenhuis/Academisch Medisch Centrum (EKZ/AMC) onderzocht de COMFORTneo-scores bij pasgeborenen met asfyxie, zowel gekoeld als niet-gekoeld, en een referentiegroep. De studie analyseerde gegevens van 0 tot 110 uur postpartum. Hoewel de resultaten geen grote verschillen in COMFORTneo-scores lieten zien tussen de groepen, was er een trend van lagere mediane scores in de gekoelde groep (AK) vergeleken met de referentiegroep (R).

Interessant was dat de scores van de niet-gekoelde asfyctische groep (A) over het algemeen lager waren dan die van de gekoelde groep (AK), wat afweek van de voorafgaande verwachting. Mogelijke verklaringen hiervoor zijn onder andere de invloed van sedativa, de bewegingsbeperking door de 'wrap', en de 'learning curve' van verpleegkundigen bij het gebruik van de COMFORTneo-schaal in de beginfase van implementatie. Het retrospectieve karakter van de studie en het ontbreken van gestandaardiseerde meetmomenten waren beperkingen.

De studie concludeerde dat er geen harde uitspraken gedaan kunnen worden over de COMFORTneo-schaal bij gekoelde asfyctische pasgeborenen vanwege de tekortkomingen. Er zijn echter voldoende aanwijzingen voor vervolgonderzoek naar de klinimetrische eigenschappen en het optimale afkappunt voor stress. Het is ook wenselijk om de resultaten op itemniveau te bestuderen om verschillen in stressopbouw te identificeren.

Belang van Comfort en Holistische Benadering

De praktijk toont aan dat vaak alleen pijn wordt gemeten, terwijl pijn slechts een onderdeel is van het bredere concept van discomfort. Angst kan de pijnbeleving verergeren, en omgekeerd kan meer pijn leiden tot meer angst. De manier waarop zorgverleners communiceren, kan zowel positief als negatief de angst en pijn van patiënten beïnvloeden, wat wordt geïllustreerd door het nocebo-effect.

Het begrip 'comfort' is breder dan pijn en omvat ook emoties zoals angst en stress, evenals omgevingsfactoren. Een 'comfort-benadering' integreert deze elementen om het welzijn van het kind te optimaliseren. Het gebruik van meetinstrumenten zoals de COMFORT Scale kan zorgverleners helpen om de behandeling bij te sturen en patiënten meer controle en inspraak te geven.

Hoewel er momenteel geen perfect valide meetinstrument voor comfortmeting bij alle pediatrische patiëntengroepen beschikbaar is, benadrukken studies het belang van het meten en vastleggen van comfort voor goede zorg. De COMFORTneo-schaal en de COMFORT-B schaal zijn onderzocht voor respectievelijk preverbale kinderen/neonaten en kinderen met neurobiologische ontwikkelingsstoornissen, maar de bewijskracht voor hun validiteit en betrouwbaarheid is nog beperkt.

tags: #comfort #score #neonaat