De beslissing om een merrie te laten dekken brengt veel vragen met zich mee, met name rondom het rijden en trainen van de merrie voor, tijdens en na de dracht en bevalling. Dit artikel bundelt ervaringen en deskundig advies om u te helpen bij het maken van weloverwogen keuzes.
Drachtperiode en rijden
Gedurende de dracht ondergaat het lichaam van een merrie aanzienlijke veranderingen. Hoewel veel merries tot de laatste weken van hun dracht doorgereden kunnen worden, is het cruciaal om rekening te houden met hun fysieke beperkingen. Naarmate de dracht vordert, wordt de buik zwaarder, wat invloed heeft op de buikspieren en het vermogen van de merrie om de ruiter te dragen. In het laatste trimester wordt galopperen voor veel merries oncomfortabel en kan het springen en zwaar verzameld werk beter vermeden worden.
Het advies is om de trainingsintensiteit aan te passen naarmate de dracht vordert, met name in de laatste maanden. Het is belangrijk om de merrie in beweging te houden, maar wel met aandacht voor de signalen die zij afgeeft. Een trainingsschema kan helpen om geleidelijk op te bouwen, waarbij rust en herstel prioriteit krijgen.
Enkele richtlijnen voor trainen tijdens de dracht:
- Tot drie maanden voor de bevalling kan doorgereden worden, met aanpassing van de intensiteit indien nodig.
- In de laatste maanden van de dracht wordt het springen en zwaar verzameld werk afgeraden.
- Let op signalen van vermoeidheid of ongemak.
- Zorg voor voldoende rust en beweging.

De bevalling
De bevalling van een merrie is een natuurlijk proces dat doorgaans snel verloopt, meestal tussen de 15 en 30 minuten. Een normale bevalling begint met het breken van de waterblaas, gevolgd door de verschijning van de vruchtblaas met de voorpootjes van het veulen naar buiten. Het is belangrijk om alert te zijn op de signalen die wijzen op naderende geboorte, zoals het zogenaamde kegelen (druppels aan de spenen).
Bij complicaties, zoals een afwijkende ligging van het veulen of een bevalling die langer dan verwacht duurt, is het raadzaam direct contact op te nemen met een dierenarts. Ook na de geboorte is aandacht vereist: de navelstreng moet gedesinfecteerd worden en het veulen moet binnen enkele uren staan en drinken.
Netgiraffe geboren in ARTIS - 7 november 2016
Na de bevalling: herstel en training
Na de bevalling heeft de merrie tijd nodig om te herstellen. Het lichaam heeft veel te verduren gehad, zowel door de dracht als door de bevalling zelf. De buikspieren zijn opgerekt en de banden rondom het bekken kunnen verslapt zijn.
Het algemene advies is om de merrie na de bevalling minimaal zes weken rust te gunnen voordat u de training weer rustig oppakt. Dit betekent:
- Rustig opbouwen met stappen aan de hand.
- De tijd dat merrie en veulen gescheiden zijn, geleidelijk uitbreiden.
- Beginnen met stappen en draven met een lage hals-houding.
- Galoperen kan later worden toegevoegd, mits afgewisseld met stappen.
- Oprichten en springen komen pas aan bod als de buikspieren voldoende hersteld zijn.
Het is essentieel om goed naar de merrie te luisteren en de training aan te passen aan haar tempo en herstel. Geduld is hierbij een schone zaak.
Het scheiden van merrie en veulen
De vraag wanneer en hoe het veulen gescheiden kan worden van de merrie, leidt tot uiteenlopende meningen. Sommige ervaringen tonen aan dat een geleidelijke opbouw van het alleen laten zijn, zowel voor het veulen als voor de merrie, positief kan uitpakken. Dit kan bijvoorbeeld door het veulen eerst korte periodes alleen te laten in een veilige omgeving, of door samen met het veulen te wandelen terwijl de merrie elders is.
Het is belangrijk om te onthouden dat elk paard anders is. Sommige merries en veulens kunnen beter omgaan met scheiding dan andere. Een paardvriendelijke aanpak is altijd te prefereren.
Herstel van conditie en terugkeer naar sportniveau
Het terugbrengen van de merrie naar haar oude sportniveau na een dracht en bevalling kan tijd kosten. Reken op minimaal 8 weken om de merrie weer in conditie te krijgen. De focus ligt op het herstellen van de buikspieren, het verbeteren van de algehele conditie en het opbouwen van uithoudingsvermogen.
Tijdens de lactatieperiode heeft de merrie extra energie en eiwitten nodig ter ondersteuning van de melkproductie en haar eigen herstel. Een aangepast voedingsschema is hierbij van belang.
De terugkeer naar wedstrijden kan plaatsvinden zodra het veulen gespeend is. Ook hierbij geldt dat geduld en een geleidelijke opbouw essentieel zijn om blessures te voorkomen en de merrie optimaal te laten presteren.

Voeding tijdens dracht en lactatie
De voedingsbehoefte van een merrie verandert aanzienlijk tijdens de dracht en lactatie. In de laatste drie maanden van de dracht maakt het veulen een groeispurt door, wat extra voedingsstoffen vereist. Tijdens de lactatie is de behoefte aan energie en eiwitten enorm hoog om de melkproductie te ondersteunen en het lichaam van de merrie te laten herstellen.
Belangrijke voedingsstoffen tijdens deze periodes zijn:
- Energie en eiwitten: Essentieel voor melkproductie en herstel.
- Ruwvoer: Voldoende en van goede kwaliteit.
- Mineralen en vitaminen: Met name calcium, fosfor, magnesium, ijzer, vitamine A en E.
- Water: Altijd voldoende vers drinkwater beschikbaar stellen.
Het is raadzaam om het voedingsschema af te stemmen met een deskundige, zoals een voedingsspecialist, om aan de specifieke behoeften van de merrie te voldoen.
