Ontwikkeling van een veulen: van embryo tot pasgeborene

De ontwikkeling van een veulen in de baarmoeder van de merrie is een fascinerend proces dat gemiddeld 335 dagen, oftewel elf maanden, in beslag neemt. Hoewel de dracht voor een hengstveulen gemiddeld 334 dagen duurt en voor een merrieveulen 332,5 dagen, wordt een dracht tussen de 320 en 370 dagen als gebruikelijk beschouwd. Een geboorte vóór 300 dagen verkleint de overlevingskans van het veulen aanzienlijk.

Om een gezonde ontwikkeling van het veulen te garanderen, is het essentieel dat de drachtige merrie goed gevoed wordt, zonder over- of ondervoeding, en voldoende beweging krijgt. Een optimale lichamelijke conditie draagt bij aan een makkelijkere geboorte en een sterker veulen.

Een schematische weergave van de ontwikkeling van een veulen in de baarmoeder, met de belangrijkste stadia gemarkeerd.

De eerste maand: van vruchtje tot hartslag

Gedurende de eerste maand van de dracht ondergaat het vruchtje een snelle ontwikkeling. In de eerste maand is het vruchtje nog zeer klein, variërend van 0,15 tot 1,9 centimeter. Opmerkelijk is dat een paardenembryo in vergelijking met andere zoogdieren behoorlijk beweeglijk is.

Dag 6 tot 17: Innesteling van het embryo

Rond dag 6 komt het embryo in de baarmoeder van de merrie en begint het zich te verplaatsen totdat het zich tussen dag 15 en 17 aan de baarmoederwand vasthecht. Deze innesteling is cruciaal; indien deze niet succesvol verloopt, kan de dracht mislukken. Hoewel een dierenarts op dag 12-14 via een echo een embryo kan detecteren, kan de actieve beweging van het vruchtje het vinden bemoeilijken.

Dag 18-20: Vorming van de placenta

Vanaf dag 18 begint de placenta zich te ontwikkelen. Dit orgaan is essentieel voor het transport van voedingsstoffen van de merrie naar het veulen. Een echo op dag 18 kan bevestigen of de bevruchting succesvol is geweest. De zichtbare zwarte vlek in de baarmoeder, de vruchtblaas genoemd, is een indicatie hiervan. Tevens is dit een belangrijk moment om een tweelingdracht uit te sluiten, wat bij paarden ongewenst is.

Dag 21-24: Het hartje begint te kloppen

Met 23 dagen begint het vruchtje een duidelijke veulenvorm aan te nemen. Op dag 24 zou een dierenarts een hartslag moeten kunnen detecteren.

Dag 25-30: Zichtbare ledematen en ogen

Tegen het einde van de eerste maand begint het vruchtje steeds meer op een veulen te lijken. De ledematen ontwikkelen zich als kleine knoppen, de ogen worden goed zichtbaar en de ruggengraat krijgt meer vorm. De organen beginnen zich verder te ontwikkelen. Op dag 30 is het vruchtje ongeveer zo groot als een hazelnoot, begint de staart zich te vormen en bevindt het zich veilig in de beschermende vruchtvliezen.

De tweede maand: een herkenbare vorm

Gedurende de tweede maand groeit het vruchtje van ongeveer 5 tot 7,5 centimeter.

Dag 35-40: Herkenbare contouren en eerste bewegingen

Tussen dag 35 en 40 krijgt het vruchtje een meer herkenbare vorm. De staartaanzet verschijnt, het hoofd krijgt duidelijke contouren en de eerste spierbewegingen worden waargenomen. Op 40 dagen is het vruchtje officieel een foetus, ongeveer zo groot als een olijf en weegt het circa 15 gram. Vanaf dit moment begint het veulen ook te bewegen.

De oogleden ontwikkelen zich, de oorschelpen beginnen vorm te krijgen en ook elleboog en knie beginnen zich te ontwikkelen.

Dag 45-50: Geslachtsbepaling en sluiting gehemelte

Met 45 dagen is de oorschelp nog driehoekig en zijn de eerste tekenen van tepelvorming aanwezig. Belangrijk is dat rond deze tijd het verschil in geslacht (merrie of hengst) begint te ontstaan en het gehemelte sluit.

Dag 55-60: Groei en activiteit

Met 60 dagen is het veulen ongeveer zo groot als een hamster en weegt het circa 45 gram. De oogleden versmelten, het hoofd is minder gebogen, er is een duidelijke halsaanleg en de oorschelp bedekt de uitwendige gehoorgang. De buik van de merrie begint zichtbaar te groeien; het veulen groeit deze maand van 7,5 tot 15 cm en het gewicht neemt toe van 60 naar 120 gram. Het veulen is erg actief en wisselt ongeveer 5 keer per uur van positie.

Een illustratie die de groei van een veulen in de baarmoeder toont, met afmetingen en gewicht per maand.

De derde maand: ontwikkeling van organen en ledematen

Gedurende de derde maand van de dracht groeit het veulen van 12,5 tot 23 cm en weegt het tussen de 0,9 en 1,3 kilo. Door de snelle groei neemt de bewegingsruimte voor het veulen af.

Dag 65-75: Duidelijk onderscheidbare geslachtsorganen

De geslachtsorganen zijn nu duidelijk te onderscheiden. Bij een hengstveulen is het scrotum zichtbaar, maar de testes zijn nog niet ingedaald.

Dag 90-95: Verbeningsprocessen van het skelet

Het skelet van het veulen ondergaat belangrijke verbeningsprocessen.

Vanaf de vierde maand: groei en uiterlijke kenmerken

Vanaf de vierde maand van de dracht worden de groei en ontwikkeling van het veulen steeds meer zichtbaar.

Dag 100: Eerste haren en vorming van de kroonrand

Met 100 dagen is het veulen ongeveer zo groot als een kitten en weegt het circa 373 gram. De kroonrand is als kam aanwezig, de hoef is geel en de huid is nog glad. De eerste haartjes verschijnen rond de lippen, ogen en neus.

Dag 120: Verdere vachtontwikkeling en voerbeleid

De haartjes breiden zich uit over de neus, lip, kin en rond de ogen. Bij een merrieveulen is de clitoris goed gevormd en bij een hengstveulen is de huidplooi die de penis bedekt (preputium) zichtbaar. Dit is ook het moment om het voerbeleid van de merrie aan te passen. Een overleg met een voerdeskundige of dierenarts is raadzaam. Grofstengelig hooi is niet meer voldoende; er dient geleidelijk te worden overgeschakeld op een rijkere kwaliteit voer, eventueel aangevuld met merrievoer vanwege het hogere gehalte aan eiwitten, mineralen en vitaminen.

Een gedetailleerde afbeelding van de anatomie van een 120 dagen oud veulen, met focus op de huid en vachtontwikkeling.

Rhino vaccinatie

Sommige eigenaren kiezen voor vaccinatie tegen rhinopneumonie (EHV 1,4). Dit vereist entingen voor de merrie in de 5e, 7e en 9e maand van de dracht.

Dag 150: Groei van het veulen en beweging van de merrie

Met 150 dagen heeft het veulen de grootte van een kat en weegt het ruim 2 kg. De wimpers beginnen te groeien, en de eerste haartjes bij de manen en staart worden zichtbaar. Het veulen groeit deze maand van 35 tot 64 cm en weegt tussen de 5 en 9 kilo. De lever vormt in deze fase zelfs 5% van het totale gewicht van het veulen.

Wat betreft de beweging van de merrie: bij zes maanden dracht kunnen sommige merries moeite hebben met rijden en hebben zij rust nodig. Voldoende beweging blijft echter belangrijk, bijvoorbeeld door te wandelen, longeren of werken aan de hand op vlak terrein. De mate waarin de merrie nog belast kan worden, varieert sterk per individu.

Dag 180: Significante groei en veranderingen bij de merrie

Met 180 dagen is het veulen zo groot als een kleine hond en weegt het ruim 9 kg. In slechts 30 dagen is het gewicht van 2 kg naar 9 kg toegenomen. De eerste maan- en staartharen zijn zichtbaar. De ledematen groeien sneller dan de romp, wat resulteert in een slungelig uiterlijk, essentieel voor een goede lichaamsverhouding na de geboorte.

Rond deze tijd sluiten de baarmoederhoornen zich, wat de ligging van het veulen beperkt tot de rug. De buik van de merrie wordt nu duidelijk zichtbaar en haar dracht is voor iedereen waarneembaar. Door het toegenomen gewicht in de buik zal de rug van de merrie wat holler worden. Fanatiek trainen kan vanaf nu beter worden afgebouwd. Veel merries ervaren moeite met bewegen door de breedte van hun flanken en het extra gewicht, waardoor ze niet meer belast kunnen worden. Het is belangrijk de merrie rust te gunnen. Als er geen weidegang beschikbaar is, moet dagelijkse beweging gegarandeerd worden. Het veulen is deze maand ongeveer 70 cm lang en weegt rond de 16 kilo.

Een illustratie die de verhoudingen van een 180 dagen oud veulen toont, met nadruk op de groei van de ledematen.

De laatste maanden: voltooiing van de ontwikkeling

In de laatste maanden van de dracht wordt de ontwikkeling van het veulen voltooid en bereidt het lichaam van de merrie zich voor op de geboorte.

Dag 240: Vachtontwikkeling

Met 240 dagen heeft het veulen de grootte van een lam en weegt het ruim 16 kg. Er begint nu duidelijk haar te groeien op de lippen, oren, keel, kin, neus en het laatste stukje van de staart. Ook op de rug en benen verschijnt een dunne vacht. Het veulen groeit deze maand van rond de 70 cm naar rond de 90 cm en weegt tussen de 17 en 25 kilo.

Dag 270: Ontwikkeling van de longen

De longen zijn bijna volledig ontwikkeld, hoewel het veulen nog steeds ademhalingsbewegingen oefent in het vruchtwater. Het veulen heeft nu meer vacht over zijn hele lichaam en de manen en staart worden langer. Met 270 dagen is het veulen zo groot als een grote hond.

Dag 280: Voorbereiding op de geboorte en de stal

Het is raadzaam de merrie nu in de box te plaatsen waar ze zal veulenen. Dit stelt haar in staat antistoffen op te bouwen tegen de daar heersende kiemen, die ze via de biest aan het veulen kan doorgeven. Een vertrouwde omgeving draagt bij aan rust tijdens de geboorte. De box dient ruim, goed verlicht en schoon te zijn.

Het veulen groeit deze maand naar ongeveer 132 cm en weegt tussen de 25 en 45 kilo.

Dag 300: Levensvatbaarheid en eerste tekenen van de geboorte

Met 300 dagen is het veulen levensvatbaar, hoewel de overlevingskans nog erg klein is. Let op gedragsveranderingen bij de merrie; de uier kan beginnen te vullen.

Dag 320: Definitieve geboortepositie en laatste voorbereidingen

De laatste vetreserves worden opgeslagen en het veulen kan nu veilig geboren worden, hoewel de meeste merries langer dragen. Met 320 dagen heeft het veulen zijn eindgrootte bereikt en weegt het ongeveer 37 kg. Het veulen kan nog steeds bewegen met zijn hoofd en benen en benut deze ruimte om te oefenen, onder andere door te slingeren om zich voor te bereiden op de bevalling. De bewegingen van het veulen zijn goed zichtbaar.

Bij de geboorte draait het veulen zich, waarbij de benen en het hoofd als eerste naar buiten komen. De merrie ervaart meer druk op haar blaas, wat kan leiden tot kleine plasjes of het aannemen van specifieke houdingen. Het veulen is nu gegroeid naar ongeveer 76 tot 147 cm en weegt tussen de 30 en 60 kilo.

De spanning stijgt, de merrie wordt zwaarder en ongemakkelijker, en haar lichaam bereidt zich voor op de bevalling. Haar buik lijkt soms te 'zakken' door het verslappen van banden en spieren. Veel merries worden rustiger, terwijl anderen juist onrustiger worden en vaker liggen of verplaatsen.

Dag 335: Gemiddelde draagtijd

De gemiddelde draagtijd van een merrie is 335 dagen, met een gebruikelijke periode tussen 320 en 360 dagen. Merries die voor het eerst veulenen, dragen vaak iets langer. Houd de uier en melkproductie nauwlettend in de gaten.

Dag 345 en 360: Geduld is een schone zaak

Als er nog geen tekenen van bevalling zijn, is er geen reden tot paniek. Veel merries nemen hun tijd. Een dracht langer dan 360 dagen komt regelmatig voor. Zolang de merrie zich goed voelt en er geen complicaties zijn, hoeft u zich geen zorgen te maken. Het veulen groeit nog steeds, zij het langzamer.

De laatste weken: voorbereiding op de geboorte

In de weken voorafgaand aan de geboorte vinden er specifieke veranderingen plaats die wijzen op de naderende bevalling.

2-4 weken van tevoren: Vulling van de uiers

De uier van de merrie begint zich langzaam te ontwikkelen en wordt steviger.

7-10 dagen van tevoren: Verslapping van spieren rond de staartbasis

De banden rond de staart worden zachter, wat de geboorte van het veulen vergemakkelijkt.

1-2 dagen van tevoren: 'Waxing' op de spenen

Een klein, goudgeel waslaagje op de spenen is een van de meest duidelijke signalen dat de bevalling nadert.

Ongeveer 24 uur van tevoren: Melkdruppels of melkverlies

Sommige merries verliezen een paar druppels melk, terwijl anderen al melk beginnen te spuiten. Het is belangrijk te onthouden dat niet elke merrie dit patroon exact volgt; sommige vertonen slechts subtiele signalen.

Een close-up van de uier van een drachtige merrie, met zichtbare 'waxing' op de spenen.

De geboorte: een natuurlijk en snel proces

Zodra het veulen ter wereld komt, begint een race tegen de klok waarin alles volgens een natuurlijk ritme verloopt.

Direct na de geboorte: Alertheid en eerste reflexen

Bij de geboorte heeft het veulen zijn ogen open en is de zuigreflex aanwezig. Het is direct alert en begint de wereld te verkennen met wiebelige bewegingen en snuffelende neusjes.

Ademhaling

Binnen 20-30 seconden na de geboorte vindt de eerste ademhaling plaats. Binnen een minuut moet het veulen een stabiele, regelmatige ademhaling hebben.

Temperatuurcontrole

Een pasgeboren veulen heeft een normale lichaamstemperatuur van ongeveer 38,5 °C.

Eerste bewegingen

Binnen 1,5 minuut schudt het veulen zijn hoofd en tilt het op, een teken dat de spieren beginnen te werken. Na ongeveer 5 minuten draait het veulen zich in borstligging en begint het zijn nek en benen te coördineren. Tussen 30 en 75 minuten probeert het veulen te staan.

Eerste drinken

Binnen 90 minuten weet het veulen, na verschillende pogingen, de uier van de merrie te vinden en drinkt het voor de eerste keer. De biest, de eerste melk, is cruciaal voor de afweerstoffen van het veulen.

Observatie en interventie

Hoewel de natuur dit proces perfect heeft geregeld, is het als eigenaar belangrijk alert te blijven. Een gezond veulen doorloopt deze tijdlijnen normaal. Bij zwakte, sloomheid of problemen met staan en drinken is interventie nodig. De natuurlijke bevalling van een paard is doorgaans snel, vaak binnen 15 tot 30 minuten.

Geboorte veulen 8

Na de geboorte: zorg en controle

De zorg voor merrie en veulen na de geboorte is essentieel voor een gezonde start.

Nageboorte

De placenta, of nageboorte, dient normaal gesproken binnen een uur na de geboorte van het veulen af te komen. Het is raadzaam deze te bewaren voor controle door de dierenarts. Als de nageboorte langer dan 3 uur blijft zitten, is medisch advies noodzakelijk. Trekken aan de nageboorte of het afknippen ervan wordt sterk afgeraden.

Navelverzorging

Het is van groot belang de navel van het veulen direct na de geboorte goed te ontsmetten met bijvoorbeeld Betadine. Dit voorkomt dat bacteriën via de navel het lichaam binnendringen. Herhaal dit minimaal 4 dagen, 3 keer per dag. Gebruik latex handschoenen bij het aanraken van de navelstreng.

Voeding en hydratatie

Het veulen dient binnen 2 uur de eerste biest binnen te krijgen. De melkopname wordt gecontroleerd door het veulen in de gaten te houden. Indien nodig kan de biest met een fles of sonde worden toegediend. Het is verstandig de hoeveelheid antistoffen in het bloed van het veulen te laten meten indien er twijfel is over de biestopname.

De melkopname van een veulen van 50 kg bedraagt dagelijks ongeveer 8 liter, verdeeld over 12-24 keer. Het veulen moet voldoende drinken om zijn lichaamstemperatuur op peil te houden en een negatieve spiraal te voorkomen.

Gezondheidscontroles

Het is verstandig het veulen dagelijks te temperaturen. Een te lage temperatuur kan leiden tot sloomheid en verminderde drinklust. De dierenarts dient te worden geraadpleegd bij twijfel over de gezondheid van het veulen, vooral tijdens de eerste cruciale uren na de geboorte.

Specifieke aandoeningen bij pasgeboren veulens

Er zijn diverse aandoeningen waar pasgeboren veulens gevoelig voor zijn:

  • Prematuur en dysmatuur veulen: Een prematuur veulen is te vroeg geboren en lichamelijk nog niet volledig ontwikkeld, herkenbaar aan een korte vacht, slappe oren en een verzwakte zuigreflex. Een dysmatuur veulen is na een normale dracht onderontwikkeld, vaak door ziekte van de moeder. Beide vereisen intensieve zorg.
  • Asphyxie syndroom: Veroorzaakt door zuurstoftekort tijdens of na de geboorte, ook wel bekend als 'dummy'. Een terugval in gedrag is te verwachten binnen 48-72 uur.
  • Sepsis: Een bloedvergiftiging veroorzaakt door bacteriën, de belangrijkste oorzaak van sterfte in de eerste levensweken. Vooral via de navel, het darmstelsel en de luchtwegen kunnen ziektekiemen binnendringen.
  • Isoerythrolysis Neonatalis: Ook wel 'bloedziekte' genoemd, waarbij antistoffen in de biest de rode bloedlichaampjes van het veulen afbreken. Dit leidt tot geelzucht en verzwakking.
  • Standsafwijkingen: Wankel staan direct na de geboorte is normaal, maar aanhoudende afwijkingen zoals bokvoet kunnen correctie vereisen in overleg met een dierenarts en hoefsmid.
Een infographic die de symptomen en oorzaken van veelvoorkomende aandoeningen bij pasgeboren veulens weergeeft.

De rol van de fokker

Een fokker speelt een cruciale rol in het waarborgen van een gezonde ontwikkeling van het veulen. Dit omvat het bieden van de juiste voeding, voldoende beweging en nauwkeurige observatie. Het opbouwen van vertrouwen in de mens is eveneens belangrijk.

tags: #pasgeboren #paarden #baby