Neoliberalisme in Nederland: Een Diepgaande Analyse

Het concept neoliberalisme heeft de afgelopen jaren veel aandacht gekregen, met politici die de ideologie afzweren en de gevolgen van bezuinigingsbeleid veroordelen. De antwoorden op de coronacrisis lijken bovendien de definitieve slag toe te dienen aan de idealen die het politieke denken veertig jaar lang hebben gedomineerd. Echter, het doodverklaren van een ideologie getuigt vaak van een gebrekkig historisch besef. Een interessantere benadering is het onderzoeken van de herkomst van het neoliberalisme en de specifieke kenmerken ervan binnen Nederland.

De Ontdekking van het Nederlandse Neoliberalisme

De vraag naar het Nederlandse neoliberalisme ontstond in de jaren na de financiële crisis van 2008 en de eurocrisis van 2012. Na perioden van crisisbestrijding, bailouts en ingrijpende bezuinigingen, kwam het onderwerp op de agenda van veel academici. Tot dan toe werd neoliberalisme primair gezien als een Angelsaksisch fenomeen, geassocieerd met figuren als Milton Friedman, Friedrich Hayek en Margaret Thatcher. Merijn Oudenampsen, die in 2017 promoveerde op een studie naar de 'conservatieve revolte' in Nederland, verklaart dat het Nederlandse neoliberale denken aanvankelijk werd beschouwd als een 'buitenlandse geest die over Nederland was neergedaald'.

Samen met collega's begon Oudenampsen te onderzoeken of er wel degelijk sprake was van een Nederlandse variant. Al snel werd duidelijk dat neoliberale ideeën een relatief lange geschiedenis hebben in Nederland. Al in de jaren vijftig deden zich hevige ideologische conflicten voor. Volgens Oudenampsen is er sprake van 'een geweldige vorm van geheugenverlies', waarbij het dominante beeld van de rustige jaren vijftig het polemische karakter van die tijd heeft verhuld. Onderzoek toont aan dat tal van intellectuelen en 'politici zonder partij' na de oorlog fel ageerden tegen sociaaldemocratische planning en de snelle groei van de Nederlandse verzorgingsstaat. Zij bundelden hun krachten in organisaties zoals het Comité Burgerrecht en trachtten de publieke opinie te beïnvloeden.

Oude krantenkoppen en publicaties uit de jaren '50 en '60 die de intellectuele debatten over economisch beleid in Nederland weerspiegelen.

De Intellectuele Achtergrond en Invloed

Prominente figuren zoals Jelle Zijlstra, die later premier werd en meer dan een decennium president van De Nederlandsche Bank was, bespraken openlijk de ideeën van Hayek en Duitse neoliberalen zoals Wilhelm Röpke in de Nederlandse dagbladen. Het ging hierbij niet alleen om theoretische discussies; het Centraal Planbureau, oorspronkelijk opgericht voor productieplanning, kreeg al snel een rol toebedeeld die beperkt bleef tot economische prognoses. De reden dat neoliberale woorden en daden vaak onopgemerkt bleven, is volgens Oudenampsen de Nederlandse neiging om ideologieën uitsluitend te koppelen aan politieke partijen. Echter, het neoliberale denken heeft in Nederland altijd partijgrenzen overschreden. Vrijemarktdenkers waren aanwezig in vrijwel elke partij rechts van het midden, inclusief de ARP, CHU en KVP, waar minderheden van vrijemarktdenkers actief waren. Juist binnen deze christelijke partijen klonken in de jaren zeventig en tachtig stemmen op om de verzorgingsstaat te 'hervormen'.

De grote doorbraak van het neoliberalisme vond plaats onder de christendemocratische kabinetten begin jaren tachtig. De 'no-nonsense' agenda van Ruud Lubbers, gericht op het verminderen van de overheidsbemoeienis, sloot naadloos aan bij de opkomende neoliberale ideeën. Lubbers, internationaal bekend als 'Ruud Shock', genoot bewondering van Margaret Thatcher en Ronald Reagan.

Definiëring en Kenmerken van Neoliberalisme

De discussie rondom neoliberalisme roept vaak de vraag op wat de term precies inhoudt. Sommigen zien het als een verzamelnaam voor alle rechtse plannen. Oudenampsen benadert het neoliberalisme echter niet als een mythe, maar als een intellectuele traditie met duidelijke voorlieden en beleid met een aanwijsbare oorsprong. Zijn werkdefinitie, zoals uiteengezet in 'Market Makers', beschrijft neoliberalisme als het idee dat de markt maakbaar is en dat de overheid actief marktwerking moet stimuleren, in plaats van deze passief te laten gebeuren (zoals in het laissez-faire liberalisme) of te corrigeren (zoals in het keynesianisme).

Op basis van deze definitie identificeert Oudenampsen individuen - intellectuelen, beleidsmakers en politici - als neoliberaal. Een belangrijk voorbeeld is Frans Rutten, secretaris-generaal op Economische Zaken, die de neoliberale transitie in de jaren tachtig initieerde. Het is cruciaal om te benadrukken dat neoliberaal beleid niet altijd deel uitmaakt van een vooraf opgesteld plan, en affiniteit met neoliberaal gedachtegoed is niet altijd een bewuste keuze. Neoliberale ideeën kunnen ook dienen als legitimering voor reeds uitgevoerd beleid.

Grafische weergave van de evolutie van economische denkscholen, met nadruk op de opkomst van het neoliberalisme naast laissez-faire en keynesianisme.

Internationale Connecties en de Mont Pelerin Society

Nederlandse neoliberalen en hun ideeën kunnen ook worden geïdentificeerd door specifieke organisaties te onderzoeken. De Mont Pelerin Society, opgericht in 1947 door Friedrich Hayek, wordt gezien als het epicentrum van neoliberale ideevorming en de 'Internationale van het neoliberalisme'. Deze organisatie brengt vooraanstaande figuren uit de neoliberale traditie samen en definieert de grenzen van een 'bandbreedte van ideeën'. Vanuit Nederland waren onder meer Frits Bolkestein en Arnold Heertje betrokken bij de Mont Pelerin Society.

De Neoliberale Doorbraak en Huidige Verschuiivngen

Het intellectuele klimaat lijkt momenteel op dat van de late jaren zeventig, een cruciale periode voor het neoliberalisme. Destijds, in een tijd van ideologische onzekerheid waarin vertrouwde keynesiaanse beleidsingrepen niet meer werkten, sloegen de neoliberalen hun slag. Ideeën die zich vanaf de jaren dertig in academische kringen en obscure Zwitserse genootschappen ontwikkelden, kregen plotseling brede aandacht in het politieke debat. Na drie decennia van deregulering, privatisering en bezuinigingen lijkt er een nieuwe periode van onzekerheid te zijn aangebroken. Bezuinigen wordt niet langer gezien als een universele oplossing, wat bleek tijdens de recente verkiezingscampagne. Bovendien leiden de corona- en klimaatcrises tot een herwaardering van overheidsinvesteringen.

Oudenampsen herkent deze fundamentele verschuiving in wat als functioneel beleid wordt beschouwd. Hij vraagt zich echter af hoe structureel deze ogenschijnlijke ideologische omwenteling zal zijn. Hoewel neoliberale partijen en organisaties zoals het IMF en de Wereldbank hebben geleerd van de financiële crisis, blijft de vraag of neoliberale recepten niet opnieuw de kop opsteken wanneer de rente stijgt en leningen duurder worden.

Onderzoek naar Vroege Nederlandse Neoliberalen

Het onderzoek naar de vroege neoliberalen in Nederland wordt belicht in het werk van Bram Mellink, met name in zijn publicatie 'Politici zonder partij. Sociale zekerheid en de geboorte van het neoliberalisme in Nederland (1945-1958)' uit 2017.

Dit is neoliberalisme ▶︎ Hayek en de Mont Pelerin Society I: 1918 - 1939 (Deel 3)

Over Merijn Oudenampsen

Merijn Oudenampsen (geboren in 1979 in Amsterdam) is socioloog en politicoloog, gespecialiseerd in de interdisciplinaire studie van politieke ideeën. Hij doceert politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. Eerder was hij Marie Curie fellow aan de Université Libre de Bruxelles (ULB), waar hij werkte aan een Engelstalige monografie over de Nederlandse neoliberale wending, die gepland staat voor publicatie in de zomer van 2026 door Verso Books. Voor zijn promotieonderzoek aan de Universiteit van Tilburg bracht hij de intellectuele en politieke debatten in kaart die voorafgingen aan de opkomst van rechts-populisme in Nederland. Een herziene versie van zijn proefschrift werd gepubliceerd als 'The Rise of the Dutch New Right' (Routledge, 2021) en ontving in 2021 de Choice Outstanding Academic Titles Award. Na zijn promotie werkte hij aan de Universiteit van Amsterdam aan het onderzoeksproject Market Makers, gefinancierd door een subsidie van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), dat de geschiedenis van het neoliberalisme in Nederland in kaart bracht. Samen met historicus Bram Mellink schreef hij het boek 'Neoliberalisme: Een Nederlandse Geschiedenis' (Boom Geschiedenis, 2022), dat positieve recensies ontving en inmiddels aan de zesde druk toe is. Oudenampsen heeft gepubliceerd in vooraanstaande academische tijdschriften zoals Comparative European Politics, Economy and Society, Perspectives on European Politics, Political Studies, Contemporary European History en het Journal of European Public Policy. Eerder was hij gastredacteur van de 20e editie van het tijdschrift Open, getiteld 'De Populistische Verbeelding' (NAi 2010). Tevens redigeerde hij, samen met Justus Uitermark, Rogier van Reekum en Bart van Heerikhuizen, 'Power to the people! Een anatomie van het populisme' (Boom | Lemma 2012). Zijn Nederlandse proefschrift, 'De conservatieve revolte' (VanTilt 2018), verkent de intellectuele achtergronden van de opkomst van Fortuyn en werd door NRC Handelsblad erkend als een van de beste boeken van dat jaar.

tags: #merijn #oudenampsen #geboorte