Na de geboorte van een baby blijft er een stukje van de navelstreng achter, het zogenaamde navelstompje. De juiste verzorging hiervan is essentieel voor een goede genezing en om infecties te voorkomen. Hieronder volgt informatie over hoe u het navelstompje schoon en droog kunt houden.
Verzorging van het Navelstompje
Het is belangrijk om het navelstompje van uw baby schoon en droog te houden. De volgende tips helpen hierbij:
- Zorg ervoor dat de luier niet over het navelstompje komt. Indien nodig, kunt u de bovenste rand van de luier naar binnen vouwen.
- Kleed uw baby aan in losse en luchtige kleding, vooral als het weer dit toelaat. Dit zorgt voor luchtcirculatie rond het stompje, waardoor het sneller droogt.
- Als het stompje vies is, maak het dan voorzichtig schoon met een washandje en dep het vervolgens droog met een hydrofiele luier.
- Houd het navelstompje boven water tijdens het baden van uw baby, of beperk het wassen tot het gebruik van een washandje. Mocht het toch nat worden, zorg er dan voor dat u het stompje goed droogt.
- Probeer het navelstompje nooit zelf af te trekken.

Het navelstompje wordt hard, krijgt een zwarte kleur en droogt na verloop van tijd op. Na ongeveer 5 tot 14 dagen valt het vanzelf af, waarna er een naveltje overblijft. Probeer het stompje niet sneller te verwijderen; het valt er vanzelf af zodra het volledig is ingedroogd.
Als het navelstompje vies begint te ruiken, de huid eromheen rood en opgezet is, of er pus op het stompje zit, kan dit wijzen op een infectie. Soms kan er een stukje 'wild vlees' achterblijven op de plek waar het navelstompje zat. Dit wordt een navelgranuloom genoemd en kan de navel vochtig houden. Een navelgranuloom verdwijnt meestal vanzelf voor de baby vier weken oud is, maar kan ook groeien.
In geval van een navelgranuloom kan de jeugdarts of jeugdverpleegkundige het aanstippen met zilvernitraat om het te laten verschrompelen. De huid rondom de navel wordt ter bescherming ingesmeerd met vaseline. Na het aanstippen is het belangrijk dat de navel 24 uur droog blijft, dus geen bad of douche.
De Navelstreng: Functie en Verloop
De navelstreng is de levenslijn tussen de moeder en het kind. Het is de verbinding tussen de buik van de baby en de placenta (moederkoek). Door de navelstreng stroomt bloed: van de placenta naar de baby en omgekeerd. In de placenta worden voedingsstoffen en zuurstof uit het bloed van de moeder doorgegeven aan het bloed van de baby, die via de navelstreng de baby bereiken. Afvalstoffen uit het lichaam van de baby gaan via de navelstreng en de placenta naar het bloed van de moeder, om daar te worden afgevoerd.
De navelstreng, placenta en vliezen worden vroeg in de zwangerschap gevormd uit cellen die ontstaan uit de bevruchte eicel. Rond twaalf weken zwangerschap zijn de navelstreng en placenta volledig ontwikkeld.
De navelstreng ziet eruit als een lang, dik en flexibel 'snoer' met ribbels. Gemiddeld is de navelstreng rond 40 weken zwangerschap vijftig tot zestig centimeter lang en ongeveer twee centimeter dik. De ene kant zit vast aan de buik van de baby, de andere aan de placenta. Er lopen drie bloedvaten door de navelstreng: één ader en twee slagaders. Deze bloedvaten zijn omgeven door de gelei van Wharton, een dikke beschermende laag, en de buitenkant is bekleed met een stevig vlies (amnionvlies).
Via de ader stroomt bloed van de placenta naar de baby, rijk aan voedingsstoffen, zuurstof en antistoffen van de moeder. Via de slagaders stroomt bloed van de baby naar de placenta, met daarin afvalstoffen die door het lichaam van de moeder worden opgeruimd.

Het Doorknippen van de Navelstreng
Na de geboorte stroomt er nog enige tijd bloed uit de placenta via de navelstreng naar de baby. De navelstreng pulseert, wat aangeeft dat de hartslag van de baby het bloed nog laat stromen. Pas als deze pulsatie stopt ('uitgeklopt'), wordt de navelstreng meestal doorgeknipt. Dit duurt minimaal drie minuten, maar kan ook langer duren. Het wachten met doorknippen, ook wel laat afnavelen genoemd, zorgt ervoor dat de baby alle mogelijke bloed uit de placenta ontvangt. Dit bloed is rijk aan ijzer, wat de gezondheid van de baby ten goede komt, de doorbloeding van de longen verbetert en zorgt voor een stabiele bloeddruk.
De verloskundige plaatst een klem op ongeveer drie centimeter van de babybuik, en een tweede klem iets verderop. Het doorknippen gebeurt tussen deze klemmen. Dit kan door de ouder, partner of verloskundige worden gedaan. De baby voelt hier niets van, aangezien er geen zenuwen in de navelstreng zitten.
Varianten van Afnavelen
- Laat Afnavelen (uitkloppen): Wachten met doorknippen tot de navelstreng is uitgeklopt. Dit duurt minimaal drie minuten en kan tot wel tien minuten of langer duren.
- Lotusbevalling: De navelstreng wordt helemaal niet doorgeknipt. De navelstreng en placenta blijven aan de baby vastzitten totdat ze vanzelf loslaten. Dit kan tot tien dagen duren.
- Halve Lotusbevalling: Wachten met het doorknippen van de navelstreng tot na de geboorte van de placenta.
Tegenwoordig wordt de cordring, een dun rubberen ringetje, steeds populairder als alternatief voor de navelklem. Deze methode wordt als minder drukkend ervaren en bevordert de luchtcirculatie, wat helpt bij het netjes indrogen van het navelstompje.
Navelstrengbloed Doneren en Opslaan
Navelstrengbloed is rijk aan stamcellen, die gebruikt kunnen worden voor stamceltransplantaties, bijvoorbeeld bij de behandeling van leukemie. Ouders kunnen ervoor kiezen om navelstrengbloed te doneren, of het te laten opslaan bij een commercieel bedrijf voor eventueel eigen gebruik in de toekomst. Dit kan nuttig zijn als het eigen kind een ziekte krijgt waarvoor stamcelbehandeling kan helpen.
Er kleven echter ook nadelen aan. Het navelstrengbloed wordt direct na het doorknippen afgenomen, waardoor de baby de voordelen van laat afnavelen mist. De kans dat het eigen kind de stamcellen nodig heeft, is klein. Bovendien is de hoeveelheid stamcellen vaak te klein voor de behandeling van een ouder kind of volwassene. Veel verloskundigen en artsen zijn daarom nog terughoudend, tenzij er een specifieke erfelijke ziekte in de familie voorkomt die met stamcellen behandeld kan worden.
Omphalocèle: Een Afwijking van de Buikwand
Bij baby's met een omphalocèle is de wand van de buik rond de navelstreng tijdens de zwangerschap niet volledig gesloten. Hierdoor ontstaat een gat bij de navel, dat klein of groot kan zijn. Via dit gat kunnen organen zoals de darmen, maag en lever naar buiten komen, bedekt door een vlies.
Baby's met omphalocèle kunnen langzamer groeien tijdens de zwangerschap. Ook kan de ontwikkeling van de borstkas worden beïnvloed, waardoor de longen minder ruimte hebben om te groeien. Dit kan leiden tot ademhalingsproblemen na de geboorte. Veel kinderen met omphalocèle houden na de behandeling ook problemen met eten of last van reflux (terugstromen van voedsel).
Omphalocèle kan tijdens de zwangerschap worden vastgesteld met de 13-wekenecho of 20-wekenecho. Als de aandoening voor de bevalling bekend is, kan de geboorte in een ziekenhuis plaatsvinden, soms via een keizersnede. Een kleine omphalocèle kan na de geboorte chirurgisch worden behandeld.
De precieze oorzaak van omphalocèle is niet altijd bekend. Als een kind alleen omphalocèle heeft, wordt het vaak als multifactorieel erfelijk beschouwd, wat betekent dat genetische factoren en omgevingsfactoren een rol spelen. Indien er een kans is op een kind met omphalocèle, is het raadzaam om dit te bespreken met een arts, die kan verwijzen naar een erfelijkheidsarts.

Navelbreuk
Een navelbreuk (hernia umbilicalis) is een opening in de buikwand bij de navel, waarbij de navel naar buiten steekt in plaats van naar binnen. Dit komt door druk in de buikholte en heeft geen directe relatie met de navelstreng. Bij een navelbreuk sluit de opening in de buikwand zich na het afvallen van de navelstreng niet volledig. Het bultje onder de huid kan groter worden bij lachen of huilen, en kleiner worden bij verminderde druk.
Meestal hoeven ouders hier niets aan te doen, aangezien een navelbreuk bij de meeste kinderen vanzelf verdwijnt voor ze zeven jaar oud zijn. Als de opening groter is dan 2,5 cm, of als de navelbreuk rond de leeftijd van 4-5 jaar nog duidelijk aanwezig is, kan verdere medische aandacht nodig zijn.
Er is een kleine kans (0,07% tot 0,3%) op beknelling van de darmen, wat zich kan uiten in hevige buikpijn, misselijkheid en overgeven. De navelbreuk kan er dan rood uitzien en de bobbel kan niet meer teruggeduwd worden. In zo'n geval is direct medische hulp vereist.
Navelstrengomstrengeling
Ongeveer twintig tot dertig procent van de baby's wordt geboren met de navelstreng om de nek, wat een navelstrengomstrengeling wordt genoemd. Dit kan gebeuren wanneer de baby zich beweegt in de baarmoeder. Hoewel het spannend klinkt, is het meestal geen probleem. De baby ademt in de baarmoeder via de navelstreng en niet via de luchtwegen, en de gelei van Wharton beschermt de bloedvaten.
Een navelstrengomstrengeling kan tijdens de zwangerschap op een echo worden gezien. Als de navelstreng niet strak zit en de bloedcirculatie goed verloopt, lijdt de foetus hier niet onder. Zelfs als de navelstreng tijdens de bevalling om de nek zit, is een vaginale bevalling vaak mogelijk. De verloskundige kan de navelstreng om de nek heen halen of, indien nodig, doorknippen zodra de baby geboren is. In zeldzame gevallen, bij foetale nood (zoals een vertraagde hartslag) in combinatie met een navelstrengomstrengeling, kan een keizersnede noodzakelijk zijn.
tags: #navelstreng #naar #buik #baby